Ronald

Niet weer hé.
Niet alweer hé.
Na het gejuich in de ene hoek van het stadion toonde het scorebord aan de overkant met felle LED’s de kille cijfers. 85 minuten gespeeld, een tegen een.
Het was niet geloven. Zijn club zoveel beter in deze wedstrijd maar het onvermijdelijke was gebeurd. De eerste echte kans na rust was raak en puntverlies leek onvermijdelijk. Hij keek naar de tribune op de lange zijde waar zijn vader Hans zat met zijn voetbalmaat Gerrit.

Ronald dacht na over de gemiste kansen.
De gemiste kansen van zijn club in deze wedstrijd, en de wedstrijden hiervoor. En hoe een kampioenschap met deze stand verder weg leek dan ooit.
En over de gemiste kansen in zijn leven.
Zijn niet afgemaakte studie.
Zijn niet zo’n leuke baan.
En zijn huwelijk.

Godver, het lukte hem zelfs niet om tijdens dé wedstrijd van het jaar niet aan zijn huwelijk te denken. Overdag op kantoor waren de gedachtes nooit ver weg over hoe hij en Joyce uit elkaar waren gegroeid. Over hun verschil van mening over ongeveer alles. Althans zo leek het nu in ieder geval. Over een kinderwens (van zijn kant) en een avontuurlijk leven (van haar kant) en hoe die twee werelden meer en meer botsten. En dan was daar nog ‘de kus’ geweest.

Het stadion slaakte een oerkreet en Ronald was direct weer bij de les. Rechtsbuiten Van der Duijf ging zijn man voorbij en gaf de bal voor. De seconden dat de bal onderweg was leken wel een eeuwigheid te duren en in het stadion was iedereen het besef van tijd en plaats kwijt. Het enige wat iedereen wenste was een doelpunt. Op de penaltystip stond Gianluca Verre goed opgesteld, en de boomlange Italiaanse spits deed waar hij het hele seizoen al goed in was, namelijk koppen.

Als een raket sloeg de bal in achter de keeper en het stadion juichte als één man. De ringen van het monumentale gebouw bewogen als golven in de zee. Een buitenstaander zou wellicht gedacht hebben dat het stadion zou gaan breken. Maar de constructie van staal en beton hield al meer dan 75 jaar stand, dat was op deze koude zondagmiddag in januari niet anders.

Toen het gejuich was verstomd lag Ronald drie rijen lager in het vak waar hij al jarenlang zat. Bovenop hem lag een kluwen mensen en tussen een aantal bekende, en minder bekende gezichten, ontwaarde hij zijn voetbalmaat Gerard. Die keek hem aan met een grote grijns en zodra ze allebei weer stonden volgde een high five en een omhelzing. Martijn en Ferry waren in een soort van innige omhelzing en het was grappig om die twee grote mannen zo blij als een kind te zien na wat de winnende goal bleek te zijn.

Op het veld volgde na het laatste fluitsignaal een feest van jewelste en Gerard stelde voor om wat te gaan drinken.

“Kom op man, eentje kan toch wel? Joyce zal toch wel weten van deze heroïsche overwinning? Ze zal het je vast vergeven als je wat later bent?”
Maar Joyce was niet zo vergevingsgezind de laatste tijd.

“Kom op Ronald, we gaan naar de Oude Pui”. Ook Martijn en Ferry mengden zich in de discussie.

“We drinken er eentje, na zo’n wedstrijd kun je niet afhaken gozer. We doen nog volop mee om de titel en van 1 biertje ga je niet dood hoor”.
“Ok, ik ga wel mee. Eentje dan”.

Ronald sprak deze woorden zonder veel waarde te hechten aan wat de gevolgen zouden kunnen zijn. Zijn club had in de laatste minuut gewonnen van de aartsrivaal en dat moest gevierd worden. In de Oude Pui was het druk en in de verte zag hij zijn vader en Gerrit staan. Hans stak een duim op en Ronald probeerde oprecht te lachen naar zijn vader, in zijn achterhoofd dacht hij na over de toekomst.

Marion

“Kom op dames, nog 1 keer”

Marion keek naar de fitnessinstructrice met een blik die voor de helft uit medelijden bestond en voor de helft uit haat.

Medelijden met haar zelf en haar lichaam (en de spierpijn die er morgen onherroepelijk zou zijn) en oprechte haat omdat de instructrice eruit zag als een… Ja, als een wat. Als een fitnessinstructrice dus. Met een sixpack en ook nog eens billen zo stevig als twee kleine voetballen.

Haar egale huid, schijnbaar perfecte haar en tandpasta-glimlach werkten ook niet mee om haar sympathiek te vinden.
Met haar allerlaatste krachten deed Marion nog een keer mee op de keiharde beats in het zaaltje van de sportschool.

Met een bonkend hoofd en het gevoel dat ze over moest geven stapte ze tien minuten later onder de douche. Het was voor een vrijgezelle vrouw van boven de dertig niet makkelijk om aan de man te komen in de grote stad, Drie keer per week zweten in de sportschool was een kleine investering om er nog een beetje leuk uit te zien. Alleen was er tegenwoordig nog nauwelijks oogcontact mogelijk op straat of in de kroeg. Iedereen leek tegenwoordig wel geobsedeerd door zijn smartphone.

Toen ze de sportschool uitstapte zag ze op straat plukjes supporters rondlopen. Er klonken opgetogen kreten dus blijkbaar had de lokale voetbalclub gewonnen.

Bji de gedachte aan de voetbalclub moest ze gelijk aan Ronald denken. Zelf had ze niet zoveel met voetbal. Ja, ze vond het leuk als er gewonnen werd want dan was de sfeer op kantoor veel beter. Maar het enthousiasme waarover Ronald over zijn liefde voor de club kon praten werkte aanstekelijk en ze hoorde zijn verhalen graag aan. Het was een welkome afwisseling tussen alle dossiers door.

Ze dacht terug aan het kopje koffie dat ze met Ronald dronk in het Grand Café afgelopen herfst. Voor ze het in de gaten hadden waren ze een half uur van hun plek geweest en hadden ze het over hun beide levens gehad. Niet diepzinnig maar gewoon waar hun interesses (behalve Ronald zijn obsessie met voetbal, dat wist ze al) lagen.  Na het koffiedrinken stuurde ze een mailtje naar Ronald dat ze het gezellig had gevonden.

Toen ze een berichtje terugkreeg dat hij er ook zo over dacht maakte haar hart een sprongetje en moest ze zichzelf vermanend toespreken. Ze was verdomme 33 jaar en gedroeg zich als een puber. En daarbij was Ronald al getrouwd. Met Joyce begreep ze van Irma van boekhouding. Maar die liet zich ook ontvallen dat het huwelijk van Ronald niet al te best was momenteel. De gedachtes die Marion toen kreeg probeerde ze snel uit haar hoofd te verbannen.

“Wat is het geworden?” De jongen met het rood-witte shirt bij de tramhalte draaide zich om en was zichtbaar dronken. De wedstrijd in de kroeg kijken had zijn tol geeist.

“2-1 gewonnen mevrouw, in de allerlaatste minuut” De mededeling dat er gewonnen was deed haar goed, maar had hij nu echt mevrouw moeten zeggen? Op het eerste gezicht was ze net tien jaar ouder dan deze lange slungel . Had al het werk in de sportschool niet zichtbaar moeten zijn?

Ondank het mevrouw-gedeelte stapte ze met een goed gevoel  de tram in. Lijn 5 reed een kwartier later langs het inmiddels verlaten stadion en boog naar rechts. De halte waar ze eruit moest lag in een echte volkswijk vlakbij een kroeg. Ze was er nog nooit binnen geweest en normaliter was het er zelden druk. Nu was het er stampvol.

Vanuit Café De Oude Pui keek Ronald naar buiten. Was het Marion die hij daar uit de tram zag stappen? Nog voordat hij kans had om beter te kijken stond zijn vader voor zijn neus met een biertje.

“Wat een wedstrijd hé?”

Op het moment dat Ronald weer naar buiten keek was er niets meer te zien. Een stukje verderop stapte Marion haar kleine huisje binnen.

Door Jeroen

Jouw reactie hier!