Het onfortuinlijke verhaal van Guusje en Donald

Het is bijna etenstijd als de voordeurbel gaat, Bastiaan en ik namen net nog een keer alle plaatsen door want een dag later staat er een toets te wachten. Topografie van Nederland. Door het melkglazen gedeelte van de voordeur zie ik het silhouet van Bastiaan zijn boezemvriend. Als ik de voordeur open doe komt in de verte zijn andere makker aanrennen. Buiten adem doen de twee jongens hun verhaal. De woorden ‘eend’, ‘dood’ en ‘kat’ komen een paar keer voorbij.

“Guusje ligt dood bij de voordeur van de dierenarts, hij is aangevallen door een kat.” 

Het is de eerste hele zin die er bij de jongens uitkomt. Guusje en Donald zijn twee behoorlijk tamme loopeenden die zich in de buurt van de hut van de jongens ophouden. Of beter gezegd, hun hut is dicht bij de sloot. Af en toe krijgen de eenden brood van de jongens of de resten van hun fruitbakje op weg van school naar huis. 

Bastiaan trekt zijn schoenen en jas aan rent mee naar de dierenarts, een straat verderop. Toen ik laatst een stukje aan het hardlopen was renden de eenden vrolijk met mij mee. Ik had niet anders verwacht van loopeenden. Maar nu is een van de twee dus gegrepen door een kat. Misschien wel een van de katten waarmee Lotus door het kattenluikje heen hele gevechten mee voert. Lotus zelf kan het niet geweest zijn want die ligt al de hele middag lekker te slapen op de keukenstoel. Voor luxe-katten is het buiten veel te koud.

Na een minuut of vijf staan de jongens weer voor de deur. Guusje ademt nog, een keer per tien seconden volgens hen. En Bastiaan meldt dat ze ook wat zei. Op mijn vraag wat precies kreeg ik als antwoord ‘kwek’ en ik schiet onbedaarlijk in de lach. De dierenarts heeft de jongens beloofd naar de eend te kijken, maar er zijn wel drie konijnen voor haar. 

Een dag later gaat op het schoolplein het gerucht dat Guusje overleden is. Zowel Bastiaan en Yaro kijken erg bedroefd na het horen van het nieuws en ik vrees dan ook voor hun cijfer tijdens de topo-toets over Nederland die op het programma staat. Op de weg terug zie ik Donald voor de deur van de dierenarts zitten. Wachtend op zijn eendenvriend die in tegenstelling tot zijn naamgever weinig geluk heeft gehad. 

Als ze bij de toets nu maar geen Eendhoven of Eimegen invullen.

Jouw reactie hier!