Poster van Pratto

Op de dag dat ik mee zou doen aan een quiz voor alle redacteuren van de Hand in Hand viel het blad van de Kameraadjes, Feyenoords jongste fans, op de deurmat. In ronkende letters stond op de voorpagina wat de kleintjes verderop in het blad konden verwachten. Een diepte-interview met Mark Diemers en wat wetenswaardigheden over Justin Bijlow.

Nu kijken de jongste supporters gelukkig nog onbevangen tegen spelers aan. Zij zijn nog niet gedesillusioneerd door het jarenlang volgen van Feyenoord en alle teleurstellingen die daarbij horen. Voor hen zijn spelers nog échte helden. Al vond ik zelf wel dat de redactie wel de grenzen op had gezocht met de dubbelposter. Hoe verknocht een kind al aan Feyenoord kan zijn, of je ze echt een plezier gaat doen met een poster van Nick Marsman of Lucas Pratto valt te bezien.

Tijdens de quiz van de FSV haalde ik een eervolle vierde plaats. Er waren een paar vragen geweest waar ik een top drie klassering had laten liggen. De eerste goal in de return van de UEFA-Cup finale werd natuurlijk gemaakt door Wim Rijsbergen. En Mike Obiku scoorde een hattrick in Europa tegen Dag Liepaja.

Feitjes die ik ergens wel wist, maar het kwam er niet uit. Wat dat aangaat is een parallel met het huidige Feyenoord wel te ontdekken, al vraag ik me af of de stadionclub mijn vierde plek gaat evenaren.

Over een paar jaar is de man op de poster, waarvan we vandaag te horen kregen dat ie ook gewoon naar huis mag gaan, een quizvraag geworden. Wat is de slechtste Feyenoord-spits die we nooit zagen spelen. Of hoeveel speelminuten maakte Lucas Pratto in Feyenoord 1. Zijn bijnaam zal echter voor eeuwig in het collectieve geheugen van Het Legioen geprint staan.

De poster van de stoer in de camera kijkende El Oso bewaar ik keurig tussen alle andere Feyenoord parafernalia in dit huis. Dit gaat een collectorsitem worden. Heb ik Marsman als mooie bonus erbij. Als herinnering aan een rampseizoen in wording.

Steven

Normaliter ben je blij met mooi weer op je verjaardag, zeker als je in april geboren bent zoals ik. Stoelen naar buiten en met een biertje van het voorjaarszonnetje genieten. Het signaal dat de truien in de kast kunnen blijven, de zomer komt er langzaam maar zeker aan.

Op 9 april 2017, op mijn vierenveertigste verjaardag, was ik minder blij met het plotselinge warme weer. Voor aanvang van de Marathon van Rotterdam had ik bedacht een tijd ruim onder de vier uur te lopen, de trainingen en tijden op kortere afstanden zouden een sub 3:45 zeker rechtvaardigen. Na de finish gelijk door naar Het Groothandelsgebouw voor een massage en mezelf om te kleden. En dan hup door naar Annabel om PEC Zwolle tegen Feyenoord te kunnen zien.

Mede door de warmte deed ik iets langer over de 42,195 kilometer en op de massagetafel kwamen, naast de felicitaties voor mijn verjaardag én het volbrengen van die gruwelijke afstand, ook de berichtjes uit Zwolle binnen. Binnen no-time stond Feyenoord met 2-0 achter en de pessimist in mij zag het hele seizoen (wederom) naar de vaantjes gaan.

Die wedstrijd stond Steven Berghuis op, door zijn twee treffers hield Feyenoord nog een punt over aan de moeilijke uitwedstrijd en na afloop vertelde hij voor de camera dat hij zich verantwoordelijk voelde voor heel Rotterdam. Door columnisten werd wat lacherig gedaan om die uitspraak. Hoe kon zo’n jonge speler die via een aantal omzwervingen in De Kuip terecht kwam zich nou het lot van heel Rotterdam aantrekken?

Als je het interview nu terugkijkt zie je een zelfbewuste sporter. Een die voor de camera benoemt wat er fout en goed ging, een sporter met een positieve insteek. Afgelopen woensdag ging hij zelf in de fout in Heerenveen en de pers en socialmedia waren er als de kippen bij om Berghuis af te slachten in plaats van de trainer die hem met al een gele kaart op zak én een 1-3 voorsprong in het veld liet staan.

Deze zondag noemde Hugo Borst hem op de radio nog een querulant toen het loonoffer ter sprake kwam. Dat onze Spartaan geen enkel bewijs had dat juist Berghuis dwars zou liggen bij het minderen van het salaris maakte niet uit. Hij had het maar weer even gezegd: Berghuis is een lastig mannetje.

En zo is het met veel meningen over Steven Berghuis. Je mag hem of je mag hem niet. En als Feyenoord-speler kun je maar beter ooit 1 x een intikker tegen Ajax gemaakt hebben dan dat je al jarenlang presteert.

Ik vermoed dat Steven zelf ook wel weet dat spelen voor Feyenoord aanvoelt als een eeuwigdurende marathon. Meestal regent het en als de zon een keer schijnt is het maar kortstondig. Zo kortstondig dat alles verschroeid en er niets meer bloeit.

Had ie nou maar een keer een intikkertje tegen Ajax gemaakt. Eeuwige roem was hem deel geweest.

Sjeik

Een paar weken na de beruchte veldbestorming tegen Fortuna Sittard trof ik op Rotterdam Centraal een plukje Engelsen aan. Na een reportage op de BBC over dit voorval wilden ze wel eens met eigen ogen zien hoe het er hier in Nederland aan toe ging. Een beetje merkwaardig vond ik het wel, dit verkapte reltoerisme. Zeker omdat in hetzelfde jaar de ramp op Hillsborough plaats had gevonden. De ramp die het Engelse voetballandschap voor eeuwig zou veranderen.

Staantribunes werden zitplaatsen en veel oude stadions verdwenen om plaats te maken voor moderne complexen waar het de supporters aan niets zou ontbreken. Vóór Corona waren de Engelse stadions bedevaartsoorden waar ieder weekend honderden Nederlanders naar toe trokken. Vaak naar lagere divisies waar je in sommige stadions nog kan zien hoe het ooit geweest was. De meeste liefhebbers laten de Premier League links liggen. Te poenerig, te plastic, te veel Sjeiks en oligarchen.

Het moderne voetbal wordt gerund door geld, geld en nog eens geld en dat is begonnen met de start van de Premier League die als katalysator diende voor de geldzucht van voetbalclubs.

Een club als Paris Saint Germain rijgt pas prijs na prijs aaneen sinds een overname in 2011. Red Bull Leipzig bestond vijftien jaar terug niet eens en Manchester City speelde in het seizoen dat Feyenoord de titel onder Leo Beenhakker pakte nog op het derde niveau. En dan hebben we het nog niet eens gehad over alle investeerders in de diverse Engelse topclubs.

De vorige seizoenen zag je steeds vaker plukjes Engelsen die naar een wedstrijd in De Kuip kwamen kijken. Een oldskool stadion, prima sfeer en zo nu en dan nog wat vuurwerk ook. Ongeveer alles wat je in de Premier League niet meer hebt. Voetballiefhebbers op zoek naar beleving.

De komende jaren zal blijken of Feyenoord voor eeuwig toe zal gaan treden tot het rijtje cultclubs. Mooi shirt, mooie historie maar geen heden. Of staat het water ons inmiddels zo hoog aan de lippen dat we zelfs een Sjeik zouden verwelkom?

Bonk

‘Nou Facebook, we moeten het ergens over hebben.’ Dit soort teksten zie ik wel eens voorbij komen bij vloggers en bloggers. Meestal wordt er dan een onderwerp besproken waar niemand zich echt in kan herkennen behalve het hoofdpersoon zelf. Over afzakkende hardloopbroeken ofzo.

Maar nu moeten we het écht even ergens over hebben. Jaarlijks is er altijd veel lol om de namenlijst van de Sociale Verzekerings Bank https://www.svbkindernamen.nl/nl/kindernamen/ er zijn dan weer tientallen kinderen geboren met een naam die op dat moment populair was of er wordt geschaterd om de guitige kwinkslagen van de ouders. Die een kind de rest van hun leven de naam Bonk hebben meegegeven. Mochten er mensen meelezen die hun kind daadwerkelijk Bonk hebben genoemd: sorry not sorry.

Nee, het gaat om het uitsterven van de naam Jeroen. De piek van Jeroen’en lag halverwege de jaren ’70. Niet toevallig twee jaar nadat ik geboren ben. Om dat af te doen als toeval is wel erg goedkoop, we zijn geen sportjournalisten van de Telegraaf natuurlijk. Maar nu komt de naam niet eens meer voor bij nieuwgeboren jongens. De curve is afgevlakt op een manier waar ze bij de RIVM trots op zouden zijn.

Je ziet een vrij diepe daling in dit soort grafieken bij namen als Joran en Isis. Beide om redelijk duidelijke redenen. Maar waarom sterft mijn naam uit? Wat heb ik de mensheid ooit aangedaan? Misschien waren we gewoon met teveel, bijna alle Jeroen’en die ik ken worden met hun achternaam aangesproken om verwarring te voorkomen. Een klasgenoot vroeg me ooit, nadat we zeker drie jaar bij elkaar in de klas hadden gezeten, wat mijn achternaam eigenlijk was.

Jeroen betekent ‘met een heilige naam’ maar als het zo moet dan verander ik hem wel in Bonk. Ben ik gelijk hip genoeg voor een vlog. Over een afzakkende broek ofzo.

Badminton

De afstand tussen mijn ouderlijk huis en middelbare school bedroeg slechts zes kilometer, een afstand waar ik tegenwoordig mijn hardloopschoenen niet eens voor aantrek. Voor de puberversie van mij leek er echter geen einde aan te komen aan de dagelijkse fietstocht naar en van Hillegersberg. De Boterdorpseweg als equivalent van route 66.
 
En als de batterijen van mijn walkman op waren dagdroomde ik mezelf een carrière in Feyenoord 1. Waarbij ik uiteraard bij mijn debuut het winnende doelpunt zag maken in een volle Kuip. Ik hoefde alleen nog ontdekt te worden.
 
Een kleine bijkomstigheid was echter wel dat ik niet op voetbal zat en ook niet kan en mocht voetballen. Van de schooldokter waren activiteiten waarbij ik mijn knieën zou kunnen overbelasten uit den boze. Ook leek het me sterk dat ik gescout zou worden tijdens mijn wedstrijden bij de lokale badminton-vereniging (waar ik mijn knieën wel overmatig moest gebruiken). Nee, op die manier zou een debuut in het eerste van Feyenoord niks worden.
 
Ik kende mijn plaats en die plaats was op de tribune van De Kuip. In die 34 jaar dat ik daar tweewekelijks plaatsneem heb ik een bonte stoet aan mislukte spelers voorbij zien komen. Sommige gingen ten onder aan de druk van Het Legioen, anderen aan zelfoverschatting.
 
In welke van de twee categorieën Bryan Linssen terecht gaat komen is nog twijfelachtig. Na de nederlaag bij Vitesse verzuchtte de oud-speler van Vitesse dat hij de ballen tijdens de warming-up wél binnenschoot. Een uitspraak die zijn toch al bevlekte status niet bepaald goed deed.
 
Badminton. Is dat niks voor hem?

Convoi exceptionnel

Op de rotonde in de verte was wat aan de hand. Auto’s reden er langzaam en vanaf mijn Vespa zag ik een vrouw met een hond druk gebaren, maar geen auto die leek te stoppen.

Ik was een extra rondje op de scooter aan het rijden omdat de accu wat moeite bleek te hebben met starten. Een rondje Berkel om de accu weer wat op te laden, en het was prima weer om te rijden.

Eenmaal dichterbij bleek dat er een zwaan half op de rotonde stond. Het beest wilde wel oversteken richting sloot maar maakte een wat besluiteloze indruk. De dame met de hond probeerde het witte gevaarte de juiste richting op te krijgen.

Een busje met convoi exceptionnel op de zijkant minderde vaart. Het leek mij de juiste man op de juiste plek om hierbij te helpen. Maar ook hij reed gewoon verder in de richting van Pijnacker.

Ik besloot mijn scooter neer te zetten en met mijn helm nog op de dame te helpen. Als de zwaan me aan zou vallen was ik in ieder geval beschermd. Nadeel zou alleen kunnen zijn dat ik met een niet startende scooter midden op een rotonde zou staan na afloop.

De hond blafte een paar keer en dat bracht de zwaan in beweging. Langzaam maar zeker waggelde hij de juiste richting op. Ingesloten tussen een dame met een hond en man met helm.

Na afloop startte mijn scooter in 1 keer. Voor een kerstverhaal had het alleen nog maar hoeven te gaan sneeuwen.

Maar ja, dat rijdt niet zo lekker.

Boekenwurm

‘Ja, ik lees boeken.’

De interviewer, de vaak nogal met zichzelf ingenomen, Joep Schreuder valt stil. En toen was de grote vraag op het internet wát voor boeken Tyrell Malacia dan las. Het antwoord volgde een paar dagen later. Het waren vooral biografieën en boeken over onopgeloste moordzaken. De biografie van Michelle Obama was een aanrader volgens de immer vrolijke Malacia.

Een gemiste kans van Schreuder, een vijftiger, opgegroeid in een tijd dat het favoriete boek van voetballers ‘De ontvoering van Heineken’ was. Later las ik een keer dat het een soort van running-gag was geworden onder voetballers om dit antwoord te geven in de vraag-en-antwoord-rubriek in de Voetbal International

Er bestaat vaak een behoefte om voetballers als domme sporters te zien in tegenstelling tot bijvoorbeeld hockeyers. Leeghoofden die tegen een bal trappen. Aan de ene kant van het spectrum heb je Spartaan Bart Vriends die in de Slimste Mens zat én een studie heeft afgerond, iets wat tot in den treure benadrukt moet worden. Aan de andere kant heb je figuren als Nathan Rutjes. Of zou zijn domheid een imago zijn?

In een tijd dat alle tieners en twintigers vergroeid zijn met hun telefoon en koptelefoon waren de woorden van Tyrell Malacia een verademing om te horen.

Een op de drie jongeren vindt lezen niet leuk en de helft van de scholieren leest nooit een roman of een langer verhaal. Wereldwijd gaat het leesplezier onder jongeren omlaag. Nederland bungelt met deze cijfers onderaan de internationale ranglijst

Dus mensen van De Coöperatieve Koninklijke Boekverkopersbond huur Tyrell Malacia in. Geef hem desnoods een eigen boekenprogramma op televisie. Op een voorwaarde, de boeken over hoe je moet voetballen van Wiel Coerver én de ontvoering van Heineken moeten er ook een keer inzitten.

Speciaal voor het wereldbeeld van Joep Scheuder.

Play-Doh

Op de kast stond een potje Play-Doh, gekregen in de speelgoedwinkel bij de aanschaf van een schietspel voor de Playstation. Beide doelgroepen leken me behoorlijk uit elkaar te liggen maar er zal vast een marketinggedachte achter gezeten hebben.

Tussen het Pokémon vangen door zag Bastiaan het potje blauwe klei staan en niet veel later kwam een zoete, weeïge geur mijn kant op.

‘Zo, dit ruikt écht naar vroeger.’ Was de conclusie van de inmiddels druk kleiende Bastiaan. ‘Hoezo vroeger? Je bent net elf man!’ Bastiaan schiet in de lach en gaat verder met het kleien van een poppetje van de blauwe klei.

Geuren, nog meer dan muziek, slingeren je zo een andere tijdzone in. Mijn nichtje had een kapsalon van Play-Doh waar je de lange kleislierten als haar kon afknippen. Nog recenter waren de creaties die Bastiaan maakte als kleuter. En dan vooral met een sadistische grijns het afknippen van de oren van zojuist gemaakte konijntjes.

Heel even leek het erop dat Bastiaan naast het poppetje een fruitschaal aan het maken was: een banaan en twee appels. Maar vijf tellen later wordt alles duidelijk. Het poppetje wordt voorzien van een uit de kluiten gewassen piemel.

Bij nader inzien denk ik dat elfjarigen tóch de doelgroep zijn voor Play-Doh.

Babbeltruc

Een opmerkelijk, en eigenlijk ook wel triest bericht in de krant vandaag. Een babbeltruc bleek geen babbeltruc geweest te zijn. Al valt daar natuurlijk wel over te discussiëren. Want een dame van 89, laten we allemaal hopen dat ze de 100 ruimschoots haalt, een nieuw energiecontract aansmeren voelt toch wel een beetje als een babbeltruc. Of zou ze echt een slimme meter willen?

Ongewild moest ik terugdenken aan de tijd, Sandra en ik woonden net samen, dat er nog een verzekeringsmannetje bij ons langs kwam. Die kerel wist het altijd zo te brengen dat we met een onverzekerd gevoel achterbleven, en wij een paar weken later braaf een krabbel onder een nieuwe polis plaatsten.

Vooral over levensverzekeringen was altijd wel wat te doen. Ik kreeg visoenen van een begrafenis in een kartonnen doos van de Gamma of een lijkverbranding ergens op een veldje achteraf. De Noordeindsevaart als de Ganges van Lansingerland.

Jaren later hield Sandra alle documentatie tegen het licht en toen bleek dat we zó over verzekerd waren dat een staatsbegrafenis van een Oost-Afrikaanse dictator nog zou verbleken bij hetgeen wij opgespaard zouden hebben als we hier mee door waren gegaan.

Stiekem hou ik wel een klein beetje van ‘leuke’ oplichters. Van die puisterige studenten die aan je deur komen met ‘zelfgebakken’ stroopwafels. Vier stuks voor slechts vijf euro, aan de man gebracht door types die een ei nog aan laten branden.

Of de ‘tourist police’ die in het buitenland vertellen dat de bezienswaardigheid waar jij op weg naar toe bent precies vandaag gesloten is, wat een pech! Maar hij, en zijn maat in die tuktuk daar, weten wel een alternatief.

Toen we in India waren kwamen we in een tempel iemand tegen, die na het horen van onze woonplaats, een oom had die in Rotterdam had gestudeerd.

En wát een toeval, die oom kwam er niet net alleen aan, hij had ook nog eens een souvenirwinkel. In het winkeltje hingen inderdaad foto’s van een Indiase man voor de Euromast en Zuidplein (!) maar die leek in de verste verte niet op hemzelf.

Onder de indruk van zijn ongeloofwaardige verhaal kochten we glimlachend, voor omgerekend 1 euro, een van zijn schilderijtjes. Hij blij en wij blij. Soms krijg je door een babbeltruc wél energie.

Advent

Uit de woonkamer komt een zucht die je doorgaans verwacht bij een bouwvakker nadat ie een ontzettend moeilijke én zware klus heeft geklaard. Buiten is het nog donker.

‘Zo,’ zegt Bastiaan ‘ik heb de adventskaars maar vast aangedaan. Dat scheelt vanavond weer.’

December is heus niet een al gezelligheid. Zelfs niet voor tieners met cadeaus in het vooruitzicht.