Huize avondrood

Er steeg een luid gejuich op toen Robin van Persie in de thuiswedstrijd tegen Ado Den Haag begon met warmlopen. De Haagse aanhang zong pesterig ‘ouwe lul’ en de routinier lachte zijn tanden bloot. Een paar dagen ervoor had hij zijn rentree gemaakt op een ondergrond waar slechts weinig beesten zouden kunnen overleven. Het gebrek aan gras in de Galgenwaard zou een Giro 555 actie rechtvaardigen.

Zelfs in de korte speeltijd die hem gegund werd drukte Van Persie in Utrecht zijn stempel op de wedstrijd. Al had hij, dat moet gezegd worden, de winnende treffer moeten maken. In tientallen columns en beschouwingen hoorde ik dat Van Persie geen Kuijt was. En Kuijt geen Van Persie.

In Nederland zijn we slecht in het omgaan van mensen die hun hoofd boven het maaiveld uitsteken. Hele volksstammen zitten zich voor de televisie te verkneukelen als het weer eens mis gaat tijdens het songfestival of de kwalificatie voor een voetbaltoernooi. Een collectief ‘zie je wel’ wordt er vanuit rijtjeshuizen verzucht als het misgaat. Voornamelijk door mensen die nog geen twee noten zuiver kunnen zingen of vijfhonderd meter hard kunnen lopen zonder aan het zuurstof te moeten.

Ongeveer tegelijkertijd met de terugkomst van Van Persie, die ook gewoon zijn zakken had kunnen vullen in de ‘zandbak’, tekende Tim Cahill een contract bij Millwall. Cahill, 38 inmiddels, komt binnen als een held en niemand twijfelt aan zijn gedrevenheid. Hij gaat zijn voetbalpensioen in Londen nog even uitstellen.

De laatste minuten van zijn warming-up bleef Van Persie steeds dichter in de buurt van het vak waar de trainers zich mogen bewegen. Alsof hij bang was dat Gio hem zou vergeten. Iets wat mij tijdens het minutenlang toezingen van nummer 32 vrijwel onmogelijk leek.

Bij de eerste balcontacten in zijn eigen Kuip etaleerde Van Persie zijn klasse, als werd dit niet door al zijn teamgenoten begrepen. Nee, Van Persie is geen Kuijt. Hij zal niet achter iedere bal aandraven als een jonge labrador. Maar met elf Vilhelna’s win je geen wedstrijd en met elf Kuijt’s en Van Persie’s ook niet. Maar laat De Kuip het komende anderhalf jaar fungeren als huize avondrood voor ‘opa’ Van Persie. Ook in bejaardenhuizen heb je altijd wel een ‘ouwe lul’ die op het groene laken de jeugd nog een lesje kan leren.

Vissen

“Van der Gijp, daar komt je kans, laat de keeper nou eens vissen”

Toen Jaap Valkhoff begin jaren ‘60 de tekst neerpende, voor wat het beroemdste voetballied van Nederland zou worden, kon hij in de tekst niet om Feyenoords naoorlogse topscorer aller tijden heen. Met 177 goals in 233 competitiewedstrijden zou Cor van der Gijp tegenwoordig voor een astronomisch bedrag naar een buitenlandse topclub vertrekken. In plaats daarvan ging hij na zijn lange carrière in Rotterdam naar Blauw-Wit in Amsterdam.

In de versies die later opgenomen werden voelde het veranderen van juist dit ene zinnetje als heiligschennis. In 1992 klonk het nog: 

“Hé Gaston, daar komt je kans, laat de keeper nou eens vissen”.

Natuurlijk is Gaston Taument een held, de belichaming van de wederopstanding begin jaren ’90. Zijn rush en goal in De Klassieker staat iedereen nog bij. Dat Gaston, 45 goals in 204 wedstrijden, destijds in een wat opgepimpte versie van het clublied genoemd wordt daar kon ik wel mee leven.
Maar in een nog latere versie maken de tekstschrijvers het wel erg bont. Gaston Taument is aan de kant gezet ten faveure van Thomas Buffel. Prima speler hoor, ik vond het oprecht jammer dat hij bij Feyenoord vertrok. De tekst, die overigens nog steeds op een officiële website van Feyenoord te vinden is, is als volgt:

“Buffel kijk! Daar komt je kans, laat de keeper nou eens vissen”

Buffeltje liet keepers regelmatig vissen. Maar liefst 34 keer in 80 wedstrijden. Maar dat komt absoluut niet in de buurt van Cor van der Gijp zijn indrukwekkende aantal. Al moet gezegd worden dat Buffel een aanvallende middenvelder was en geen spits.

Nee, als het clublied dan zo nodig in een nieuw jasje gestoken moet worden dan zou ik voorstellen om er “Dirk Kuijt, daar komt je kans, laat de keeper nou eens vissen” van te maken. Dat bekt ook wel lekker. Met de nadruk op Dirrek.

Maar als dat niet gebeurt dan moeten ze in de lengte van de dagen de originele versie, het liefst met een kraakje in de single, voor aanvang van de wedstrijd draaien. Alleen al als eerbetoon aan spelers als Coen Moulijn en Beertje Kreijermaat. En aan Cor van der Gijp, die de vaderlandse keepers maar liefst 177 keer liet vissen. Een levende legende.

 

Feyenoord vs PSV voor de bekerT

Op 17 januari 1990 zag ik in Eindhoven Feyenoord voor het eerst voor de beker tegen PSV spelen. Ondanks een doelpunt van Griga verloor Feyenoord die confrontatie. De wraak zou een seizoen later komen in een jaargang die gedoemd was te mislukken. Toen redde de bekerwinst van Feyenoord het seizoen (en de club?). Ook dit seizoen MOET de beker gewonnen worden om een verder kleurloos seizoen nog wat glans te geven. 

Een wedstrijd onder het felle schijnsel van de lichtmasten. 

Het stadion in vol ornaat.

De huidige en toekomstige landskampioen.

Wat vuurwerk als de wedstrijd net begonnen is. 

En als de rookwolken opgetrokken zijn…

Staat het al 1-0.

PSV was ook gevaarlijk af en toe.

Maar op het schot van Vilhelna had Zoet geen antwoord.

Tweede helft werd het iets meer vechtvoetbal.

En scoort Jorgensen de…

…o nee, toch niet.

Er werd wat uitgedeeld.

Maar uiteindelijk bekert Feyenoord gewoon verder.

Feyenoord vs Ado, return of the legend.

5 vijf minuten later vertrekken en je staat gelijk 2 straten verderop.

Rotterdam vanaf de tweede ring gezien. 

De terugkeer van een legende. En nee, onze legende is geen dikke darter.

Kijk, ze komen op het veld.

Geen minuut stilte maar een minuut applaus. Deed nogal Engels aan. Alleen dat YNWA, moet dat nou echt?

Rommelig, chaotisch en matig.

Na de rust een donkerharige speler langs de zijlijn. Zou het dan? O, nee. Het was Kevin Diks, die overigens prima inviel.

1-0 door Vilhelna.

Berghuissie!

En na een goal van de man die alleen thuis scoort (iets wat normaliter echtscheidingen voorkomt) staat het alweer 3-1. Lexie scoorde tegen en deed heel hautain.

Logische uitslag.

De laatste paar minuten van zijn warming-up bleef Van Persie dicht in de buurt van het vak voor de dug-out. Het leek wel alsof hij bang was om vergeten te worden door Gio.

Daar gaat ie, de spits van het kampioenschap. Bedankt voor alle goals! Van Persie maakt zijn rentree in De Kuip.

Oppassen voor die Beugelsdijk…

Na afloop kwamen we nog langs Immers zijn oude huis op Zuid.

 

Alpaca

Mijn eerste bewust meegemaakte WK was die in 1986. Het WK van de hand van God, de uitstekende Belgen en de shirts van Denemarken. In mijn panini-album plakte ik braaf de stickers van de helden van toen. Eredivisiespelers in het algemeen en Feyenoorders in het bijzonder schitterden door afwezigheid en daardoor voelde het toernooi letterlijk en figuurlijk ver weg.

De Europese en Wereldtoernooien erna, als Nederland wel aanwezig was, werd er door mij net iets harder gejuicht bij acties van spelers in rood-witte dienst, of bij spelers die dat geweest waren. Zo juichte ik midden in de nacht bij de goal van Taument tegen Saudi Arabië. Bij de poeier van Rob Witschge tegen Duitsland en alle goals die Kuyt en Van Persie maakten op een eindtoernooi.

Aan de andere kant hield ik mijn hart vast als er een Feyenoorder een penalty moesten nemen. En al helemaal in een beslissende reeks. Verliezen oké het ging immers niet om Feyenoord. Maar als Oranje dan verloor dan wel graag door een speler van onze aartsrivaal. Dan kun je nét iets lekkerder schelden.

En ondanks dat ik weinig met Oranje op heb vond ik het in 2002 vooral jammer voor de Feyenoorders die, na de UEFA Cup winst in de vorm van hun leven verkeerden, het WK in Japan en Korea moesten missen. Tijdens het EK in 2000 vond ik het vooral treurig voor Bosvelt en na de WK finale van 2010 pinkte ik een traantje weg voor Gio. Ik had het hem zo gegund al was hij dan minder emotioneel op 14 mei 2017 geweest. Een WK-titel voelt waarschijnlijk net iets beter dan een landstitel voor de gemiddelde voetballer.

Ook buitenlandse Feyenoorders kunnen tijdens toernooien op mijn steun rekenen maar dan moeten ze geen al te gekke dingen gaan doen. Of juist wel en de club een klein vermogen opleveren. Met Jorgensen, Amrabat, El Ahmadi en nu ook Tapia was het nog lastig kiezen wie ik ga steunen op het komende WK. 

Maar ik ben eruit. Ik denk dat ik maar een tijdelijke Peruviaan word, dat klinkt als een titel van Suske en Wiske. De Peruviaanse Peenvogel. Heb ik alleen nog een panfluit en een bolhoed nodig, dat staat een stuk beter dan een oranje klomp op je hoofd.

Nu nog op zoek naar een alpaca als huisdier.

Kroonprins

Tegenwoordig heet iedere trainer met een klein beetje potentie de kroonprins van het betaalde voetbal te zijn. Hoe anders was dat in 1989 toen Pim Verbeek aangesteld werd als hoofdtrainer van Feyenoord. Slechts 33 jaar oud en de erfenis van een gevallen topclub op zijn schouders. Met IT-bedrijf HCS op de borst moest er een serieuze aanval gedaan worden op de concurrenten uit Eindhoven en Amsterdam.

Het liep net allemaal even iets anders. Op zondagmiddag 20 augustus 1989 stond ik ook op het veld van De Kuip (ongeveer als laatste en niet verder dan de penaltystip, maar toch). Slechts twee competitiewedstrijden en een dreigende nederlaag tegen Fortuna Sittard waren er voor nodig geweest om de carrière van Verbeek in de knop gebroken te zien worden. Achteraf gezien potsierlijk om na drie wedstrijden al zo in opstand te komen maar toen voelde het rechtvaardig. Wij, het Legioen, waren toch immers de club?

Wat er volgde is algemeen bekend. Verbeek moest ijshockey-coach Gunder Bengtsson naast zich dulden en het seizoen eindigde gitzwart met een elfde plaats. Pas toen Wim Jansen het overnam kwam het weer goed met Feyenoord. Pim Verbeek verdween via de achterdeur naar FC Wageningen. Zijn loopbaan erna leest als een samenvatting van de Lonely Planet. Via Japan, Zuid-Korea, Nederlandse Antillen, Verenigde Arabische Emiraten, Australië en Marokko is hij nu dus bondscoach van Oman.

In de krant van vandaag lees ik dat hij de Golf cup of nations kan winnen en meer dan 28 jaar na die desastreuze wedstrijd in De Kuip wordt hij in het artikel nog steeds ex-coach van Feyenoord genoemd. De voormalige kroonprins van het betaalde voetbal is inmiddels 61 jaar oud en zal soms nog weleens terugdenken toen het laatste restje van de Feyenoord-getrouwen het veld bestormde. Met metalheads met lange haren in metallica-shirts, skinheads en stoners was het stadion op het eerste oog een plek waar je je kind niet mee naar toe zou nemen. Toen wel. Nu levert die uitspraak, die voornamelijk niet stadiongangers doen, terecht hoongelach op.

Oman wordt vandaag gesteund door duizenden supporters die het land met grote jumbojets in laat vliegen. Betaald door een of andere kroonprins. Zo’n echte.

Feyenoord vs Roda JC

Daar aan de Maas bij Brienenoord….

Krachthonk voor KramerT

Een ode aan staal en licht. Net een kerstboom.

Skyline.

Euromast, Europoort, Brienenoord….Feyenoord.

KramerT zijn trainingskamp. (en nu houden we ermee op).

Kunstsneeuw, kunstlicht maar geen kunstgras.

Laatste wedstrijd van 2017. De eerste van 2017 was ook tegen Roda.

Wát? Ruilen van speelhelft!

Dan vraag je er ook om. 1-0 na zo’n 40-45 seconden.

Jorgensen is weer erg belangrijk. Net zoals Berghuis.

Dat gaat lekker.

Mijn kerstkaart voor volgend jaar.

Goal.

Vrije trap.

Weer een vrije trap die er niet in ging.

De laatste goal van een mooi Feyenoord-jaar. Met een titel en een vreugde-explosie die ver buiten Rotterdam te horen was. Met een mooie trip naar Manchester en het gevoel dat het in 2018 wel goed gaat komen.

 

 

Feyenoord vs Heracles voor de BekerT

Het was nogal mistig in De Kuip. We zaten voor de verandering eens op de eerste ring.

De ene wedstrijd tegen Heracles is de andere niet.

Niet zo snel als in mei, maar toch al snel de 1-0.

En ook de 2-0. Helaas toch weer een tegentreffer incasseren en daarna rommelig voetbal.

Terwijl Kramer een kroket had viel Feyenoord aan.

Voetbalcultuur, je weet zelluf.

3-1 en een ronde verder.

 

Kroket

Onder het oude vak R stond in de jaren ’90 altijd een jongen uit Bergschenhoek zijn kroketten te verkopen. Op een grote zilveren schaal lagen de gefrituurde snacks onder een rood-wit geblokte theedoek.

Als vak R weer eens uitbrak om het uitvak te bestormen moest hij in allerijl zijn kroketten in veiligheid brengen. Na de verbouwing van De Kuip kon je voortaan bij een van de loketten terecht om je kroket te verkopen en verdween de losse krokettenverkoper uit beeld.

Toen Bert van Oostveen als een valse nicht sneerde dat hij er niet vrolijk van werd dat mensen een uur in de rij voor een kroket moesten staan verdwenen behalve de kroketverkopers ook de interlands uit het mooiste stadion van Nederland. In een vlaag om mee te doen met de moderne stadions kregen we in De Kuip ook die vet onhandige consumptiemuntjes ervoor terug. In een jaszak vind je altijd weer wat munten terug als ze net niet meer geldig zijn.

Na het vertrek van Van Oostveen speelt Oranje mondjesmaat zijn wedstrijden weer in De Kuip, de mensen verkiezen sfeer blijkbaar toch boven droog zitten. En de rijen voor de kroketten zijn ook niet zo lang. Dat bewees Michiel Kramer gisteren door in krap vijftien minuten tijd van de dug-out naar de kleedkamer te lopen en op de terugweg een broodje kroket te scoren.

Het beeld van een kroket-etende Kramer bleef lang hangen.Zou er om de hoek van de spelerstunnel net voor de ingang van de kleedkamer een ouderwetse krokettenverkoper staan? Met zijn waar onder een rood-wit geblokte theedoek. En hoe komt Kramer in vredesnaam aan muntjes?

Het grote Peenvogeljaaroverzicht 2017, deel 4.

December is nog niet voorbij maar wat ik de laatste twee weken van dit jaar nog uitspook valt allemaal op deze website te lezen. Voor nu een laatste terugblik. De maanden oktober, november en december. Waarin weer een heleboel gebeurde.

Oktober begon ik in Breda. Samen met Carin en Marcel (en nog wat andere lopers) liep ik de Bredase Singelloop (verslag hier). Met een tijd van min of meer exact 1:45 was ik uitermate tevreden. Zeker omdat we de eerste 13 kilometer veel te snel liepen voor de vorm (lees: bier op vakantie en lekker eten) waarin ik verkeerde. Het was een geslaagde middag in Breda.

Na de halve marathon van Leiden en die in Dublin was deze wedstrijd (en gelopen tijd) een bevestiging wat ongeveer mijn niveau is. Met drie tijden tussen de 1:42 (Leiden) en 1:47 (Dublin) kan ik niet meer dan tevreden zijn.

Een week later stond de grote Peenvogeltrip weer op de planning. Met 35 man op weg naar Engeland. En het begint nogal een cliché te worden maar ook deze was weer legendarisch. We werden al helden onthaald in North Ferriby met o.a. een interview op de radio en een item op de website van de BBC (mijn leven is compleet). De wedstrijd zelf was ook meer dan vermakelijk. Het werd 3-3 met een paar wereldgoals en voor dit niveau meer dan prima voetbal. Grootste pluspunt was dat het blijkbaar niemand meer uitmaakt naar welk niveau we gaan. Dat komt goed uit want (bijna) alle betaald voetbalclubs in de buurt van de boot hebben we al gehad. Klik hier voor het verslag (klikkerdeklik).

Samen met Bastiaan greep ik een enorm warme oktobermaandag aan om eens te gaan kijken in het Archeon. Het sloot precies aan bij het thema waar ze het op dat moment op school over hadden. Erg mooi om te zien dat hij en Yaro er enorm veel over wisten en honderduit over Romeinen en de middeleeuwen aan het praten waren. Het was een enorm geslaagde dag.

Geslaagder dan de prestaties van Feyenoord in oktober. Daar viel op een incidentele wedstrijd na werkelijk niets positiefs over te melden. In het oktoberoverzicht dus ook geen enkele foto van Rotterdams trots.

In november tobte ik nogal met pijnlijke scheenbenen. Dat maakte hardlopen een vrij pijnlijke exercitie. De behandeling ertegen was waarschijnlijk nog pijnlijker. Maar alles voor de goede zaak.

Begin november vierde Bastiaan zijn achtste verjaardag, met een zwem- en slaapfeestje. Het werd een dolle boel bij ons thuis waar uiteindelijk iedereen op een andere plek sliep dan oorspronkelijk bedacht.

Waar het de vorige jaren bijna traditiegetrouw een nieuw stadion per maand bezochten kwam daar door al dat gehardloop en andere hobby’s een beetje de klad in. Maar een vrije zondag én leuke wedstrijd op het programma zorgden ervoor dat ik met Marco (2x) weer eens bij onze Zuiderburen een potje voetbal ging bekijken. Een klein stadionnetje met afgebladderde reclameborden en een vermakelijke pot voetbal op een slecht veld maakten het een prima zondagmiddagbesteding. (klik hier).

De loting van de Champions League was ons niet echt gunstig gezind qua zwaarte. Maar het mooiste ervan was toch wel dat er een pot in Engeland uitrolde. Voor het tweede jaar achter elkaar betekende dat een trip naar Manchester. Vorig jaar nog Old Trafford, nu het Etihad. Engelse Chris had kaarten voor ons geregeld en op de wedstrijddag vermaakte ik met prima met Jan, Kees, Chris, Leon en Tineke. Feyenoord verloor in de laatste minuten en dat was een beetje zuur. Ze hadden wel een puntje verdiend. Verslag van die trip staat hiero (klik)

Over stadions gesproken, het leek mij bij wijze van voorbereiding op het trainingsseizoen voor de marathon wel leuk om een keer een rondje Rotterdamse stadions te rennen. Met een groepje gelijkgestemden liepen we op een koude zondagmorgen ruim 22 kilometer via de Kuip naar Het Kasteel en via Woudestein weer terug naar De Kuip. Het was een geslaagde ochtend al deden mijn schenen de week erna wel weer wat zeer. Misschien iets te overmoedig die 22 kilometer.

December, de maand van de lijstjes (o wacht, dit is zo’n lijstje). In December wist Feyenoord zowaar een paar wedstrijden achter elkaar te winnen. De pot thuis tegen Napoli demonstreerde eens te meer dat het in voetbal niet om de grote clubs in Europa draait. De Italianen begrepen er weinig van, een club die al uitgeschakeld was en zo fanatiek gesteund werd door hun fans. Tsja, dat zegt eigenlijk al voldoende.

Door de sneeuw werd de Bruggenloop afgelast en bouwden Bastiaan en ik een iglo voor de deur. En dat brengt ons op het punt waar we nu aanbeland zijn. Nog twee weken in 2017. De tijd gaat echt vreselijk snel, dat merk je nog het beste aan een opgroeiend kind. Voor je gevoel verschoonde je net nog zijn luier maar de realiteit is dat hij gewoon al een achtjarige wijsneus is.

Was 2017 een mooi jaar? Ja, dat was het zeker. Feyenoord werd kampioen, we maakten een schitterende reis door Azie, ik liep en passant een marathon en een Roparun. Al mijn familie is gezond en wel (Sandra is weer een jaar goedgekeurd) en ik heb niets te klagen. Dat ga ik dus ook niet doen. Gewoon tevreden zijn met wat je hebt.

Vanaf deze plek alvast de beste wensen en een gelukkig nieuwjaar. Maar hou de komende twee weken deze site nog in de gaten. Er staat nog genoeg op het programma.