Social Media

Het kan geen toeval zijn dat de afkorting van Social Media SM is. Want zo voelt het wel af en toe. Alles maar liken met als doel om zelf ook likes te krijgen op een lollige post of een leuke foto van je sportprestatie, kind of vakantie. Het liefst nog een combinatie daarvan. Het begon bijna een verplichting te worden.

En ik merkte dat ik het weer zat begon te worden. Vooral op Facebook moet je je eerst een weg banen door reclames, mensen die iets van Trump vinden, YouTube-video’s en lui die iedere door Facebook voorgestelde herinnering van drie jaar terug delen.

Begrijp me niet verkeerd. Door social media werd ik destijds in een Roparun-avontuur getrokken, werd ik leader of the pack bij de Rotterdam Running Crew en kon ik mijn verhaaltjes delen die ik op deze website plaatste. Ook dat heeft me veel opgeleverd.

Het is nu meer dan een week geleden sinds mijn laatste Facebook-post en ik heb niet de indruk dat mensen me al gemist hebben. En dat is nou precies mijn ‘probleem’ met Facebook, het is allemaal zo vluchtig. En het scheelt ook tijd want als je niks post hoef je ook niet in de gaten te houden of mensen het liken of reageren. Is overigens ook een stuk beter voor je batterij.

En over het opladen van ‘batterijen’ gesproken. Tijdens mijn aankomende vakantie zal ik voornamelijk op deze website verslag doen van ons wel en wee. Dus hou deze site in de gaten…

Ekiden

Nu werd ik er zelf eens ingeluisd. Tineke had nog wat lopers nodig om een Ekiden-team te vormen en uiteraard zei ik geen nee. De Ekiden is een estafette-loop met zijn oorsprong in Japan over de marathonafstand. ‘Eki’ betekent station en ‘Den’ betekent wissel. Tijdens het wisselen geef je een sjerp (de tasuki) over aan de volgende loper. 

De 42,195 kilometer loop je met zes lopers in totaal in een volgorde van 5-10-5-10-5-7,195 en het was aan mij om als vierde loper in actie te komen. De lopers die vijf kilometer liepen deden 1 ronde door het Kralingse bos en de tien kilometer-lopers liepen twee rondes. Ook de laatste loper liep twee (aangepaste) rondes om op 7,195 uit te komen. 

Uiteindelijk werden we nog 81e met een tijd van 3:24:04 in een deelnemersveld van 250 teams en hebben we stevig doorgelopen. Onze splittijden waren: 

5km 10km 5km 10km 5km 7,195
0:25:25 0:47:35 0:23:53 0:44:43 0:24:04 0:38:21

En met die 44:43 liep ik een PR op een officieel parcours. Het was een zware loop want na de wissel ga je té snel weg op de baan van het PAC. Aangemoedigd door teamgenoten, mensen van de RRC en de teams van Jatogniettan, ik was na loper bij de Antilopers ook nog eens een soort van teamcaptain van twee Jatogniettan-teams, startte ik iets te snel. 

De eerste vijf kilometer kwam ik door in 22:08 en ondertussen had ik nog genoeg energie over om de andere lopers die op dat moment op het parcours waren te begroeten. Het grappige is dat ik tegelijk startte met lopers met een nummer 3 op hun borst (de derde loper uit andere teams) maar op de route ook wat nummer 5’s tegenkwam en op het allerlaatst zelfs een nummer ‘6’. De loper die zou gaan finishen namens dat team. Niet zo gek als je bedenkt dat het winnende team er 2:23:08 over deed. Het tweede deel van mijn race had ik iets meer last van de warmte en ben ik even gestopt om snel een slok water te nemen.

Na 3 uur 24 minuten en 4 seconden liepen we met zijn allen met Angela mee om te finishen. Het was een erg leuke dag met een biertje en gezelligheid na afloop. De twee Jatogniettan-teams liepen ook erg sterk en het zou mij niets verbazen als we volgend jaar met nog meer teams aan de start staan.

Brood en spelen

Sinds een bepaald stadion in Noord-Holland vernoemd werd naar de plek waar de Romeinen hun feestjes hielden met gladiatoren en leeuwen gebruik ik dat woord niet meer. Dat het woord arena in het Latijns zand betekent is gezien de strubbelingen met die grasmat aldaar een milde vorm van ironie.

De grasmat van De Kuip was op 22 april allesbehalve een zandvlakte, al probeerden die Alkmaarders daar met fakkels (ook wel Romeinse kaarsen genoemd) verandering in te brengen. Dat zal wel een Noord-Hollands dingetje zijn, want in een recente bekerfinale probeerden die zandbakbewoners uit de Bijlmer dat dus ook. Als straf kregen ze een ongenadig pak slaag van de blauwvingers uit Zwolle.

Maar waarom moest ik aan de Romeinen denken tijdens de laatste bekerfinale? Vlak na de tweede goal van Feyenoord wees Van Persie met zijn vinger richting de businessunit waar de vorige Keizer van Rotterdam bivakkeert. Gehuld in zijn witte blouse en omringt door zijn entourage werd het gebaar van de bekendste Robin na het hulpje van Batman beantwoord door een omhoog gestoken duim van Dirk Kuyt. Dezelfde Dirk Kuyt die na het laatste fluitsignaal met zijn zoontje op zijn schouders de bekerwinst vierde.

De omhoog gestoken duim betekende in Romeinse tijden dat je leven gespaard werd. Gladiator van Persie zakte op zijn knieën en iedere vezel in zijn tanige lijf stond gespannen. De leeuw AZ bleek een tandeloze tijger te zijn en hij wist dat hij Feyenoord zojuist een derde grote prijs in evenzoveel jaren (die supercup telt niemand mee toch?) had bezorgd.

Over orgies na de wedstrijd, een andere Romeinse traditie, is mij niets bekend. Dat zou met de huidige selectie ook niet lang geheim gebleven zijn, zo dol zijn die mannen op selfies maken met hun smartphone. Tijdens de huldiging, een dag na de finale, waren ze meer in de weer met hun kekke Iphones dan met het entertainen van het publiek. Al leken de aanwezige fans dat nauwelijks iets te kunnen schelen. Iets met brood en spelen wellicht. Toch weer die Romeinen.

Verkiezingen

Precies een jaar geleden hing er hoop in de lucht in Rotterdam. Gerenommeerde internationale kranten staken de loftrompet over de Maasstad. Huizenprijzen stegen sneller dan de koers van Bitcoins en als je écht wilde uitgaan dan moest je in Rotterdam zijn. Er broeide iets, sluimerend als een veenbrand onder de oppervlakte.

Een veenbrand die op zondag 14 mei veranderde in een vreugdevuur. Op die middag kwam alles bij elkaar: van wildvreemde mensen die samen dansten in de Hofplein vijver tot uitpuilende kroegen. Van blank tot zwart en van Hillegersberg tot de Tarwewijk. Iedereen vierde feest en voor veel mensen voelde het aan als bevrijdingsdag. Rotterdam was die dag een.

Vandaag zijn de gemeenteraadsverkiezingen en de verbondenheid van 14 mei 2017 lijkt in Rotterdam verder weg dan ooit. Politieke partijen spelen slinks de verschillen tussen mensen uit langs de rand van inkomen en afkomst. Verschillen die er op die mooie zondag in mei er niet toe deden. Analoog aan politieke partijen is Sparta de partij die vecht voor haar laatste kans. Een laatste kans om niet weer weg te glijden in de peilingen. Excelsior gedraagt zich met het elan van een politieke nieuwkomer. Presteren naar de bescheiden middelen en met sympathie van het volk.

En Feyenoord dan? Feyenoord is de mastodont die maar niet lijkt te willen veranderen. Een incidenteel succes zorgde niet voor de gewenste koerswijziging, topsportklimaat zoals u wilt. Aan de stadionweg rommelt het weer eens ouderwets. We zijn nu bijna aan het einde van het seizoen. Een seizoen waarvan ik, en velen met mij, veel meer van had verwacht. Natuurlijk, Feyenoord kan de beker nog winnen en dat is gewoon een hoofdprijs. Maar chagrijn heerst weer rondom de club. Feyenoord-city verdeelt Het Legioen en het spel van de stadionclub is grote delen van de competitie niet om aan te zien geweest. Toevalsvoetbal, wachtend op een bevlieging van Berghuis en sinds kort Van Persie. Een deel van Het Legioen is ook klaar met Giovanni, iets wat je een jaar geleden niet had durven bedenken.

Als vanavond de stemmen zijn geteld en de gevreesde tweedeling een feit is rest de Rotterdamse politiek maar een ding: Maak Giovanni burgemeester van onze prachtige stad. Hij is immers de laatste man die een collectieve glimlach op het gelaat van alle Rotterdammers wist te krijgen. En misschien is die leider van die kleine politieke partij uit Kralingen wel een optie om de mastodont weer de juiste koers te geven. Een dubbelslag.

Haai

Zo snel als pijlstaartroggen vliegen de kinderen uit groep 5b richting de ruimte waar een echte haaienexpert zijn verhaal gaat doen.

Of het klopt dat een haai een keer een cruiseschip heeft opgegeten wil een jongen uit Bastiaan zijn klas weten.

Blijkbaar is dit een urban legend onder achtjarigen want de haaienman reageert enigszins geprikkeld. Met een tekening maakt hij duidelijk dat het fysiek onmogelijk is. Volgende vraag gaat over tanden en dan is het de beurt aan een meisje.

‘Ik heb gehoord dat een haai een cruise….’

De haaienman kapt de vraag af. Volgende.

‘Een megalodon. Zou die een cruiseschip….’

Geen tijd, geen tijd….

Nee hoor, zo erg is het ook weer niet. Maar dit weekend weinig tijd gehad om achter de computer te kruipen en een heel verhaal te dichten. Sandra was het weekend in Edinburg en de tijd dat Bastiaan onder de pannen was (school, scouting én een verjaardag) gebruikte ik voor een kort rondje en een lange duurloop (iets te lang en iets te snel volgens schema, but who’s counting?). 

Zesentwintig kilometer op 5:28 hakte er overigens wel in zo op de zaterdagmiddag. De rest van de dag was ik aardig afgepeigerd.

Our house, in the middle of our street

Our house, in the middle of our street
Our house, in the middle of our…

Toen we in Rotterdam woonden zat onze tandarts nog in Berkel en toen we weer terug naar Berkel verhuisden stopte deze tandarts ermee en kwamen we terecht bij een tandarts vlak bij ons oude flatje in Rotterdam.

Toen ik van de week voor controle was geweest reed ik bijna automatisch onze oude straat in. Ik denk dat ik er meer dan tien jaar zeker niet geweest was. De flat zag er, op de buitenkant na, nog hetzelfde uit. Vlak voordat wij erin trokken in 1997 was hij net gerenoveerd en voorzien van een modernere entree met lift en al. Maar de straten eromheen waren wel wat anders.

De Edah had plaatsgemaakt voor een Lidl, de sigarenboer was nu een Turkse bakker en er was een toko bij gekomen. Allemaal tekenen van een veranderende demografische samenstelling van de wijk. 

De oudere flats in de straat hadden plaatsgemaakt voor nieuwbouw en er was zelfs een speeltuintje voor de kleintjes bij gekomen op de plek waar eerst garageboxen stonden. Maar toen ik wegreed kon ik niet anders dan mezelf gelukkig prijzen met ons huisje in Berkel. Voor een Turkse bakker en een toko moet ik iets verder fietsen maar om een kind op te laten groeien heb ik bij ons huidige stulpje toch een beter gevoel.

 

Kerstvakantie

Mijn levendigste herinneringen aan mijn, voor mijn gevoel, eerste echte bioscoopbezoek was in 1982. In de kerstvakantie ging ik met mijn vader naar E.T., een film waarbij ik nog steeds een traan moet laten als ik hem zie.

Ik was toen negen jaar oud en was al eerder naar de bioscoop geweest. Het enige wat ik me daar nog van kan herinneren is de bio-collecte voor aanvang van de film en een nogal beangstigende reclame die daaraan vooraf ging. Iets met een kind in gips volgens mij. Van de films voor E.T. kan ik me niets herinneren.

Met mijn vader naar de bioscoop gaan in de kerstvakantie werd daarna soort van traditie. Ingegeven door het feit dat dit buiten de grote vakantie ook de enige dagen waren dat hij vrij was. We zagen Gremlins, Ghostbusters en Return of the Jedi op het witte doek. Twee decennia later kwamen daar de Lord of The Rings en Hobbit-trilogie bij. Ook films die hun premiere rondom de kerst beleven.

De afgelopen week keken we op Netflix naar het eerste seizoen van Stranger Things. Een serie met een meer dan vette knipoog naar de blockbusters uit de jaren ’80. Bij iedere aflevering kreeg ik het gevoel van de kerstvakanties in de jaren ’80 terug.

Met Bastiaan keken we op Netflix recent naar Gremlins, E.T. en Ghostbusters (en ook Back to the Future). Voor Stranger Things is hij echt nog iets te jong. Over een paar weken komt echter de nieuwe Star Wars uit. Een reeks die zowel opa, kleinkind en deze papa wel kan bekoren. Hoog tijd om de ‘film in de kerstvakantie-traditie’ te herstellen. Ik neem alvast kleingeld mee voor de collecte.