Steven

Normaliter ben je blij met mooi weer op je verjaardag, zeker als je in april geboren bent zoals ik. Stoelen naar buiten en met een biertje van het voorjaarszonnetje genieten. Het signaal dat de truien in de kast kunnen blijven, de zomer komt er langzaam maar zeker aan.

Op 9 april 2017, op mijn vierenveertigste verjaardag, was ik minder blij met het plotselinge warme weer. Voor aanvang van de Marathon van Rotterdam had ik bedacht een tijd ruim onder de vier uur te lopen, de trainingen en tijden op kortere afstanden zouden een sub 3:45 zeker rechtvaardigen. Na de finish gelijk door naar Het Groothandelsgebouw voor een massage en mezelf om te kleden. En dan hup door naar Annabel om PEC Zwolle tegen Feyenoord te kunnen zien.

Mede door de warmte deed ik iets langer over de 42,195 kilometer en op de massagetafel kwamen, naast de felicitaties voor mijn verjaardag én het volbrengen van die gruwelijke afstand, ook de berichtjes uit Zwolle binnen. Binnen no-time stond Feyenoord met 2-0 achter en de pessimist in mij zag het hele seizoen (wederom) naar de vaantjes gaan.

Die wedstrijd stond Steven Berghuis op, door zijn twee treffers hield Feyenoord nog een punt over aan de moeilijke uitwedstrijd en na afloop vertelde hij voor de camera dat hij zich verantwoordelijk voelde voor heel Rotterdam. Door columnisten werd wat lacherig gedaan om die uitspraak. Hoe kon zo’n jonge speler die via een aantal omzwervingen in De Kuip terecht kwam zich nou het lot van heel Rotterdam aantrekken?

Als je het interview nu terugkijkt zie je een zelfbewuste sporter. Een die voor de camera benoemt wat er fout en goed ging, een sporter met een positieve insteek. Afgelopen woensdag ging hij zelf in de fout in Heerenveen en de pers en socialmedia waren er als de kippen bij om Berghuis af te slachten in plaats van de trainer die hem met al een gele kaart op zak én een 1-3 voorsprong in het veld liet staan.

Deze zondag noemde Hugo Borst hem op de radio nog een querulant toen het loonoffer ter sprake kwam. Dat onze Spartaan geen enkel bewijs had dat juist Berghuis dwars zou liggen bij het minderen van het salaris maakte niet uit. Hij had het maar weer even gezegd: Berghuis is een lastig mannetje.

En zo is het met veel meningen over Steven Berghuis. Je mag hem of je mag hem niet. En als Feyenoord-speler kun je maar beter ooit 1 x een intikker tegen Ajax gemaakt hebben dan dat je al jarenlang presteert.

Ik vermoed dat Steven zelf ook wel weet dat spelen voor Feyenoord aanvoelt als een eeuwigdurende marathon. Meestal regent het en als de zon een keer schijnt is het maar kortstondig. Zo kortstondig dat alles verschroeid en er niets meer bloeit.

Had ie nou maar een keer een intikkertje tegen Ajax gemaakt. Eeuwige roem was hem deel geweest.

Met die gasten in de stad

In theorie kan het nog 😉

Bastiaan en Yaro naast de Rigardus Rijnhout, de reus van Rotterdam, met zijn 2 meter en 38 centimeter de op een-na-langste Nederlander ooit.

Een boel gegiechel én foto’s in de klassen-app.

Monsieur Jacques is minding his own business. Dat doet ie al sinds 1959.

Sjeik

Een paar weken na de beruchte veldbestorming tegen Fortuna Sittard trof ik op Rotterdam Centraal een plukje Engelsen aan. Na een reportage op de BBC over dit voorval wilden ze wel eens met eigen ogen zien hoe het er hier in Nederland aan toe ging. Een beetje merkwaardig vond ik het wel, dit verkapte reltoerisme. Zeker omdat in hetzelfde jaar de ramp op Hillsborough plaats had gevonden. De ramp die het Engelse voetballandschap voor eeuwig zou veranderen.

Staantribunes werden zitplaatsen en veel oude stadions verdwenen om plaats te maken voor moderne complexen waar het de supporters aan niets zou ontbreken. Vóór Corona waren de Engelse stadions bedevaartsoorden waar ieder weekend honderden Nederlanders naar toe trokken. Vaak naar lagere divisies waar je in sommige stadions nog kan zien hoe het ooit geweest was. De meeste liefhebbers laten de Premier League links liggen. Te poenerig, te plastic, te veel Sjeiks en oligarchen.

Het moderne voetbal wordt gerund door geld, geld en nog eens geld en dat is begonnen met de start van de Premier League die als katalysator diende voor de geldzucht van voetbalclubs.

Een club als Paris Saint Germain rijgt pas prijs na prijs aaneen sinds een overname in 2011. Red Bull Leipzig bestond vijftien jaar terug niet eens en Manchester City speelde in het seizoen dat Feyenoord de titel onder Leo Beenhakker pakte nog op het derde niveau. En dan hebben we het nog niet eens gehad over alle investeerders in de diverse Engelse topclubs.

De vorige seizoenen zag je steeds vaker plukjes Engelsen die naar een wedstrijd in De Kuip kwamen kijken. Een oldskool stadion, prima sfeer en zo nu en dan nog wat vuurwerk ook. Ongeveer alles wat je in de Premier League niet meer hebt. Voetballiefhebbers op zoek naar beleving.

De komende jaren zal blijken of Feyenoord voor eeuwig toe zal gaan treden tot het rijtje cultclubs. Mooi shirt, mooie historie maar geen heden. Of staat het water ons inmiddels zo hoog aan de lippen dat we zelfs een Sjeik zouden verwelkom?

Lijden

Ooit deed Gerard Cox de uitspraak dat je voor de lol geen Feyenoord-supporter moest zijn. Hij sprak deze woorden eind jaren ’80 toen De Kuip op wedstrijddagen een kruising was tussen een spookhuis en een interneringskamp. Een paar duizend getrouwen keken lijdzaam naar de verrichtingen op het veld, achter de hekken met prikkeldraad blaften politiehonden naar alles wat bewoog. In het stadion rook het naar sigarenlucht, pis en weed.

Nog geen 18 jaar daarvoor was Feyenoord de allerbeste club ter wereld en, als we de overlevering moeten geloven, ook de allerrijkste. Vanaf dat moment kon het alleen maar bergafwaarts gaan. En zo geschiedde. Vijftig jaar lang een gebrek aan doorselecteren na een landstitel, interne gevechten en een schrijnend tekort aan geld.

Voor een groot deel van Het Legioen zijn de woorden van Cox een soort selffulfilling prophecy geworden. Lijden? Ach, dat hoort toch bij de club? Weer een mislukte spits aantrekken? Typisch Feyenoord, dat weet je toch.

Als je er zo naar kijkt was de wedstrijd tussen Heerenveen en Feyenoord de ‘meest Feyenoord-achtige’ wedstrijd die er ooit gespeeld werd. Een bejubelde reservekeeper die in deze pot tweemaal opzichtig blunderde. Een aanvoerder die een tweede gele kaart op eigen helft pakt en een elftal dat volledig instort.

Alleen een laatste kunstje van Advocaat kan ervoor zorgen dat Feyenoord nog op een tweede plaats kan eindigen en uitzicht houdt op geld uit een Europees toernooi. De komende jaren incasseert de kampioen van Nederland ergens rond de 90 miljoen aan startgeld voor de Champions League. De eindstand van de Eredivisie zal al van tevoren vaststaan.

Over een paar jaar zal De Kuip er weer even troosteloos uitzien als eind jaren ’80. Met een paar duizend getrouwen weggedoken onder de tweede ring. Want Feyenoord, dat is lijden toch? Alleen wel zonder mij.

Dick

De plek was hetzelfde, de tegenstander ook. Net zoals 343 dagen eerder stond Steven Berghuis achter de bal. Elf meter verderop probeerde de doelman van Willem II de aanvoerder van Feyenoord uit zijn concentratie te halen. Een fluitsignaal later vloog de bal onhoudbaar in de rechterhoek van het doel. Alleen de spandoeken in het stadion waren getuige van deze goal.

Tijdens de vorige editie van Feyenoord – Willem II stond de parterre achter het doel waar Berghuis vanaf elf meter in de linkerbenedenhoek scoorde nog vol. Schouder aan schouder naast elkaar, ondanks de eerste onheilspellende berichten uit Italië. Na het doelpunt vlogen mensen elkaar om de nek en deelden highfives uit. Met de kennis van nu totaal onvoorstelbaar. Corona was voor de meesten van ons nog een ver-van-ons-bed-show of grappig genoeg gewoon de naam van een Mexicaans biertje.

Met de Kleine Generaal langs de zijlijn had Feyenoord begin 2020 langzaam maar zeker wat kleur op de wangen gekregen. De bekerfinale was gehaald en Feyenoord gold als outsider voor de titel. Hoe het afliep is weten we allemaal. Er ging een streep door de rest van het seizoen en ook de plannen voor de langere termijn konden in de koelkast.

Dat viel nog het best te zien aan de spelers die op Valentijnsdag 2021 de voorkeur kregen van Advocaat. Maar liefst acht spelers van het basiselftal van de laatste wedstrijd van seizoen ’19-’20 stonden weer aan de aftrap, de Hagenaar is niet de man voor frivoliteiten in zijn opstellingen.

Ik durf wel te wedden dat Dick Advocaat een punt achter zijn lange en indrukwekkende carrière had gezet als Feyenoord vorig seizoen de beker had gepakt. Binnenkomen, prijs pakken en wegwezen. Er zijn mensen voor minder heilig verklaard in De Kuip.

Dit seizoen hebben we die kans weer. Selectie, doe het voor Dick.

Maar vooral voor ons!