Blije doos

Ik woon in een drive-in woning op een nogal kinderrijk plein. Het voordeel van deze drive-in woning is dat je vanuit de keuken op de 1e verdieping kunt zien wat die gasten op het grasveld op het plein aan het uitspoken zijn.

Ook is de positie van de keuken uitermate geschikt voor voyeurisme. Bedoeld of onbedoeld. Als je uit de keuken naar buiten kijkt zie je waar de vuilniswagen is, of iemand een nieuwe auto heeft of wanneer de postbode eraan komt. Reuze handig voor een nieuwsgierig aagje als ik.

Een kinderrijk plein moet wel een beetje kinderrijk blijven en zo ging het gerucht op het schoolplein dat er iemand op het plein zwanger was. Een van de buurvrouwen in kwestie keek naar mij en nam mijn stilzwijgen (ik dacht vast over iets zinnigs na) als een ‘ja’ op. Ik haastte me te zeggen dat Bastiaan enig kind zou blijven.

Later die dag fietste ik het plein op, in de hal bij onze voordeur zag ik door het raam van redelijke afstand een blije doos staan. Als de naam van die doos vol spulletjes voor zwangere vrouwen met enige ironie is uitgekozen dan verdient de bedenker ervan een pluim. Maar die blije doos stond dus in het zicht, voor ongeveer het hele plein.

Nu kwam het aan op snel handelen voordat het donker werd. Ik zag dat de doos voor twee huizen verder bestemd was en zette het gevaarte op mijn hoofd, zoals Afrikaanse vrouwen dat doen met een kruik vol water. Vol in het zicht van iedereen die op dat moment aan het koken was belde ik aan bij de gelukkige toekomstige ouders.

De man in kwestie keek verrast. Zeker na mijn mededeling dat áls ze het geheim hadden willen houden dit nu jammerlijk mislukt was. Toen de voordeur dichtging had hij een blije doos in huis. Of eigenlijk twee.

1510

Bowl

Een reclamebord ligt al op de grond. Op het bord staat ‘3 dozen aardbeien voor 4 euro’. Ook de rest van de kraam heeft last van het natuurgeweld op deze zaterdag in juli. De KNMI heeft code rood afgegeven en ik heb medelijden met de mensen die nu in Nederland met vakantie zijn.

Een voordeel van het slechte weer is dat het veel minder druk is bij de zaterdagse groentekraam. Vorige week stond ik nog een kwartier te wachten, nu ben ik zo aan de beurt. Bastiaan staat naast me te blauwbekken van de kou, het aangeboden stukje mango eet hij bibberend op. De Zeeuwse familie die de groentekraam runt heeft wel wat weg van de Kelly-family. Niet letterlijk maar ze lijken allemaal erg op elkaar. Woeste haren en een gezonde blos op hun Zeeuwse wangen.

Naast me staat een vrouw van tegen de tachtig. Ze informeert of de ananassen goed zijn. Een goede vraag vind ik want de vruchten zijn de laatste weken óf te rauw óf te rijp. Ze vertelt dat ze er bowl van gaat maken en in 1 ruk ben ik op een familieverjaardag zo’n 35 jaar terug. Bowl met én zonder alcohol, de laatste voor ons kinderen. Glaasjes met pepsils en sigaretten op tafel. En de onvermijdelijke mocca-gebakjes.

‘Maar wanneer zijn ze dan goed?’ vraagt de oudere dame. De verkoper is in een jolige bui en geeft als antwoord dat de ananas dinsdag rond drie uur wel goed zou moeten zijn. De rest van de klanten lacht om zijn grap.

De oudere dame lacht ook mee maar heeft uiteindelijk het laatste woord.

‘Mooi.’ zegt ze. ‘Gerrit is toch pas woensdag jarig!’

25072015

‘looks can be deceiving’

Iedereen heeft last van vooroordelen. Bij het zien van een grote groep jongeren die ergens rondhangt loopt menigeen een blokje om. Mensen worden op basis van kleding geweigerd aan de deur bij kroegen en disco’s. Tegenwoordig hebben de meeste gemeenten geen zin in een motorclub binnen hun stads- of dorpsgrenzen. Vaak heeft het te maken met, een overdaad aan, uiterlijk vertoon van de personen in kwestie.

Toen ik laatst aan het tanken was stopte dit autootje naast mij. Ik verwachtte een paar jonge gastjes met een overdaad aan hormonen en ‘casual’ kleding, kekke Adidas schoenen en burberry-petjes. Niets bleek minder waar toen er een net uitziende vrouw van een jaar of zestig uitstapte en het wagentje voor 35 euro vol liet gooien.

Het zou natuurlijk ook kunnen zijn dat ze de auto van haar kleinzoon geleend had. En als ruil daarvoor de auto met een volle tank weer terug zou geven. Ik heb niet gewacht tot ze wegreedt, waarschijnlijk met DJ Paul keihard op de stereo…..

wpid-20150601_103647.jpg

Banana!

‘Hé, een minion’ Een meisje van het plein fietst met haar moeder langs ons huis. Haar moeder schiet in de lach omdat ze denkt dat haar dochter mij bedoelt. Ik kijk even in het glas van de deur om te bevestigen dat ik geen tuinbroek aan heb en niet geel geworden ben. Het kale hoofd en de bril kloppen wel, en in mijn tas zit een banaan. In de verte zie ik haar moeder nog steeds lachen. Een minion.

Had ik nu maar wat anders op de stoep gekrijt met Bastiaan.

image

Uitvak

Een vluchtige blik op de lopende band vervult me met angst. Heb ik wel voor 40 euro aan boodschappen gedaan? Buiten staat een troep bloeddorstige kinderen te wachten op dierenplaatjes. De zoveelste supermarkt-hype. Als je niet voor iedereen een setje van vier plaatjes hebt word je verslonden. Of je hebt er precies 1 te kort voor dat kleine meisje met de vooruitstaande tanden en uilenbril. Dat wil je ook voorkomen. Trauma’s voor het leven.

Ik neem de plaatjes sowieso niet naar huis. Na smurfen, muppets, boerderij-items, superhelden, voetbalplaatjes en de recent compleet gespaarde minions hoef ik niet nog meer troep in mijn huis waar over twee weken niet meer naar gekeken wordt. Er liggen sowieso nog een paar onuitgepakte happy-meal speeltjes. Nee, geen kaartjes van Freek in ons huis.

Snel pak ik nog een handvol, op strategische plaats uitgestalde, candybars om het totaalbedrag wat op te schroeven. Gelukt, ik kom precies aan 40,45 euro en krijg dus 4 setjes aan plaatjes. Net voldoende om mijzelf een veilige weg naar mijn fiets te garanderen door het niemandsland waar de grijpgrage kinderen wachten.

Voor de deur heeft de grootgrutter een soort van kooi gemaakt waar de kinderen moeten wachten. Er staat een jongetje in de kooi dat het nieuwe Feyenoord-shirt draagt. Hij kan er vast maar beter aan wennen, dat hij behandeld gaat worden als een beest. Overbodig om te zeggen dat hij al mijn plaatjes krijgt.

wpid-20150627_134557.jpg

Tekkel

Mijn bestelling van vijf Vietnamese loempia’s gaat net de frituurpan in. Het is mooi weer en het wachten op mijn eten doe ik in het zonnetje. Voor mij staan een moeder, een zoon en een oma te wachten op hun, vrij grote, bestelling. Ze eten alledrie een softijs, het is er het weer voor. Er komt een man aanlopen met een klein hondje en de moeder barst los in een waterval van woorden.

‘O, wat een leuk hondje he. Mam kijk eens, wat een leuk hondje. Jij ruikt zeker dat wij thuis ook een hondje hebben he. Dat ruik jij he. Wat voor soort is dit? En hoe oud is hij. O, wat een leuk hondje. Kijk dat snuitje dan. Wat een leuk hondje.’

De hondeneigenaar krijgt amper tijd om al die vragen te verwerken maar hij doet zijn best. De moeder neemt een hap van haar ijsje en zegt met volle mond:

‘k vnd lle hnden lk bhlve tkkls’

‘Niet met je volle mond praten!’ reageert Oma.

‘Ik vind alle honden leuk, behalve teckels. Ik ben door een teckel gebeten in mijn kuit.’

Onbewust kijk ik naar haar kuiten. Dat moet een flinke teckel geweest zijn. Haar kuiten zijn net zo dik als mijn bovenbenen. Nu heb ik niet enorm dikke bovenbenen, maar toch. Of het moet lang geleden zijn, ruim voor de softijs en loempia’s als zaterdagmiddag-snack.

Hun bestelling is klaar en wordt ingepakt. Oma neemt een laatste hap van haar ijsje en zegt met volle mond:

‘Laten we zo teruglopen, dan zijn we gauwer thuis en zijn de loempia’s nog lekker warm.’

Ik hoopte voor ze dat ze onderweg geen teckel tegen zouden komen. Dat zou de boel alleen maar vertragen.

05042015

Canard

BAM!

Vlak voordat de deur wordt dichtgesmeten spring ik de gang bij mijn schoonmoeder naar binnen.

BAM! De deur valt niet dicht, blijkbaar zit er nog wat tussen.

‘O, die eend’ schreeuwt mijn schoonmoeder. ‘Die eend!’ Mijn schoonmoeder heeft het niet zo op vogels, en voor lompe eenden maakt ze geen uitzondering. Ergens tussen ons oude huis en het ouderlijk huis van Sandra ligt een vijver. En bij die vijver hield een groot aantal eenden zich altijd op, een soort van gevederde hanggroep-jongeren. Het was zondag en Sandra en ik waren brak van een avondje Rotonde. Rond het avondeten liep ik, in mijn trainingsbroek, richting het huis van mijn schoonouders. Er bestaan weinig excuses om in een trainingsbroek over straat te gaan, maar gaan sporten of brak zijn twee goede redenen.

Ik was laatstgenoemde en slenterde langs de vijver, met in mijn hand een plastic tas met daarin een magnetronschaal. Als je brak bent mag je het avondeten bij je (schoon)ouders op komen halen, ook dat is een ongeschreven regel. Blijkbaar was de snaterende vijverbewoner niet zo gediend van trainingsbroeken, of was het gewoon de kift omdat de bekendste eend op aarde altijd zonder broek getekend wordt. Wat het was weet ik niet maar ineens hing die eend aan mijn broek.

Ik probeerde hem af te schudden maar hij hield zich goed beet aan mijn broek met zijn snavel. Het versnellen van mijn pas werkte ook niet. Moest ik hem een schop geven? Dan zul je altijd zien dat er iemand van de dierenbescherming langsfietst en dan heb ik het gedaan, terwijl hij diegene was die begon.  Ik duwde de eend voorzichtig opzij met mijn voet, en toen ietsje harder zodat hij loskwam. Luid snaterend kwam hij achter me aan en ik rende richting huisnummer 16. Mijn schoonmoeder zag het tafereeltje aan en opende vlug de deur zodat ik naar binnen kon springen. Op de vlucht voor een eend.

BAM! Weer de deur. Ik gaf een ruk aan mijn tasje met daarin een inmiddels ingedeukte magnetronschaal en de deur viel eindelijk dicht. Mijn gevederde vijand was niet verder dan het begin van het tuinpad gekomen en ging demonstratief voor de deur zitten wachten tot ik naar huis zou gaan. Ik besloot eieren (!) voor mijn geld te kiezen en nam de achterdeur. Die malle eend heeft nog een uur op me liggen wachten hoorde ik later.

Bij thuiskomst zag ik pas wat er in mijn inmiddels gevulde magnetronschaaltje zat. Helaas geen eend.

wpid-20150329_200937.jpg