Emotie

In mijn eerste jaren als seizoenkaarthouder eind jaren 80 overstemde een blaffende politiehond eenvoudig het handjevol toeschouwers op de tribune. Emotieloos staarden een paar duizend man naar de verrichtingen van Feyenoord. De diepgevallen topclub van weleer.

En juist voetbal maakt emotie los. Daarvoor hoef je niet eens te kijken naar wedstrijden in Zuid-Amerika. Er zijn zat voorbeelden te noemen van wedstrijden in De Kuip waar we na een goal over elkaar heen buitelden van vreugde. Neem alleen al de eerste finale na alle jaren van ellende tegen Den Bosch.

Met het verstrijken van de jaren namen de toeschouwersaantallen toe en dat was een van de redenen dat ik, ondanks mijn seizoenkaart, niet intekende voor de komende paar thuiswedstrijden. Feyenoord te zien voetballen voor 13.000 man is als een oude wond die opengereten wordt. Een herinnering aan eind jaren 80. Een voor een derde gevuld stadion is niet mijn beleving en ik weet van mezelf dat ik mijn mond niet kan houden. En ik probeer, waar mogelijk mezelf aan de regels te houden.

De eerste helft van de wedstrijd tegen Twente zag ik op televisie en de tweede helft hoorde ik op radio Rijnmond. Ook op de radio hoorde je de laatste minuten de stadiongeluiden steeds harder worden. En daar was gisteren veel over te doen.

De MinPres deed een redelijk grove duit in het zakje en daarna volgden de commentaren op social media. Dat dit de enige manier was om supporters aan te spreken. Alsof er alleen maar idioten op de tribune zitten in plaats een doorsnede van de gehele maatschappij. Afgeven op supporters is de makkelijkste manier van scoren bij het grote publiek.

Rellen bij een demonstratie? Voetbalsupporters. Ongeregeldheden in een wijk? Voetbalsupporters. Te dicht op elkaar? Voetbalsupporters. Voetbal is emotie en met het toelaten van fans lag het in de lijn der verwachtingen dat er geschreeuwd en gezongen zou worden. Daar hoef je geen raketgeleerde voor te zijn. Al had Berghuis of Narsingh in de blessuretijd gescoord had het gejuich tot in de verre omtrek gehoord geweest.

Nu mag iedereen commentaar hebben op de supporters maar kijk eerst even zelf je foto’s na op social media. Als je de afgelopen maanden echt niet te dicht op elkaar hebt gestaan op een feest, in de kerk, moskee of studentendispuut. Bij de buurt-BBQ, een bruiloft of in de kroeg. Als je op al deze vragen nee kun antwoorden werp dan de eerste steen.

Voor alle anderen. Nou ja, iets in de lijn van wat de MinPres zegt dus.

Disney

Of het logisch was dat Disney bij Feyenoord uitkwam voor een documentaire? Goedbeschouwd wel. In Amsterdam is het allemaal te gelikt, dat bleek recent weer eens met een brief richting Manchester waarbij de eigen aanhang braakneigingen net kon onderdrukken.

PSV dan? Een te klein achterland en in Eindhoven hebben ze vast nog wel een miljoenmiljard beschrijfbare Dvd’s liggen van eigen makelij waarop ze het wel en wee rondom de Herdgang kunnen vastleggen. En ander lullen de broertjes Van de Kerkhof die schijfjes wel vol.

Bij Feyenoord zijn ze aan het juiste adres. Er is nooit geld en altijd een te hoog verwachtingspatroon. Normaal gesproken een ‘recipe for disaster’  en een docu als ‘Sunderland ‘till i Die’ ligt op de loer. Maar sinds Dick het roer heeft overgenomen van Jaap Stam vallen de puzzelstukjes redelijk in elkaar. Feyenoord heeft een hekel aan verliezen gekregen en onder de leiding van de kleine generaal gebeurde dat ook maar 1 keer.

Wat precies de invloed van Disney gaat worden weet ik nog niet maar eigenlijk hoop ik op een enorm green screen in De Kuip zodat het stadion toch nog vol zit op televisie. Zit je ineens naast een prinses uit Frozen of Shrek. Bij een goal in de laatste minuut van Berghuis buitelen de zeven dwergen over elkaar heen op vak X.

Ik zie eindeloze mogelijkheden. Zeker nu Star Wars ook onder de paraplu van Disney valt. Wat nou helicopterlanding met aanwinsten? We nemen gewoon de Millennium Falcon. De lichtmasten van De Kuip worden vier lichtzwaarden, elk in een andere kleur.

En als er een persoon is die zich prima leent om als voorbeeld te dienen voor een stripfiguur dan is het onze Haagse coach wel. Stampvoetend en foeterend langs de lijn als Donald Duck om daarna een troostende arm om een wisselspeler te leggen zoals alleen Chewbacca dat kan. Een naam voor dit nieuwe Disney-figuurtje heb ik al.

The Little General

TikTok

Vroeger was niet alles beter, maar zo rond 1970 Feyenoord wél. Niet gewoon de beste maar de beste van de hele wereld. Op televisie en in de kranten werd stilgestaan bij dat magische moment van vijftig jaar geleden.

Het voelde destijds als een maanlanding hoorde ik een columnist zeggen. Wij zijn inmiddels een halve eeuw verder en zowel voetbal als techniek hebben niet stilgestaan. Raketten zien er niet meer uit als een lange sigaar en we kunnen op ieder moment van de dag aan de hele wereld laten weten wat we aan het doen zijn.

Om niet helemaal een ouwe zak te worden probeer ik van een afstand de belevingswereld van mijn tiener te observeren, zodat de kloof niet al te groot wordt. Zodoende gaan we samen op pad om Pokémon te zoeken en helpen we elkaar in Brawlstars. Op de Playstation ben ik hem in sommige spelletjes echter allang niet meer de baas.

Er zijn echter een paar dingen die ik, noem me oud, echt niet trek. Dat geschreeuw in die video’s van die YouTubers en het fenomeen TikTok. Op zijn beurt begrijpt hij niet waarom wij volwassenen bepaalde zaken op Instagram en Facebook delen.

Vooral om TikTok is veel te doen en dan gaat het niet alleen om de veiligheid van de app. De dansjes die bekende Tiktokkers doen worden gekopieerd door duizenden mensen en er zijn voetbalclubs met meer dan een miljoen volgers (ja, ook in Nederland). Feyenoord blijft daar met een schamele 30.000 volgers ver bij achter. Het is echter wél de route richting de jeugd.

In 1970 was Feyenoord voor heel even de beroemdste club ter wereld maar nu zijn we op TikTok voorbijgestreefd door clubs als Club Brugge. Werk aan de winkel om ons ook hier de allergrootste te maken. De tijd tikt.

Tok.

Logo

Op 31 augustus 2006 was het druk bij De Kuip, er werd geprotesteerd tegen de komst van Angelos Charisteas. De niet zo’n heel goede spits kwam als vervanger van publiekslieveling Dirk Kuyt over van onze aartsrivaal. Het protest haalde uiteraard niets uit. De handtekening was gezet. De Griek werd naast Philippe Leonard en Tiendalli een van de aankopen voor het nieuwe seizoen. De fora op Lunatic News en de messagebase ontploften van woede.

Ook de afgelopen dagen is er weer veel te doen naar aanleiding van de eerste training. De logo’s op de trainingsshirts zijn niet rood-wit maar zwart-wit en groen-wit. Een trend die kledingsponsor Adidas ook toepast op wedstrijdshirts bij andere clubs. Maar van dat laatste is bij Feyenoord geen sprake. Het gaat om de shirts waar de spelers op 1908 hun rondjes draaien.

Als men zich, uiteraard naast de terechte discussie over wel of niet een nieuw stadion, het meest druk kan maken over de kleur van het logo op een trainingsshirt dan weet je dat het qua selectie wel snor zit.

Op naar de Coolsingel dus.

Het gewraakte shirt

https://fanshop.feyenoord.nl/feyenoord-trainingsshirt-spelers-2020-21-kids.html?gclid=Cj0KCQjwvIT5BRCqARIsAAwwD-Qe4x-vKEspwFHLefy4A7U-r5iMqdyYX0ItwdiiX5NMjjHA3P6WIfAaArF_EALw_wcB

Kroon

De grootste nederlaag leden we dit seizoen niet op het veld maar daarbuiten. Tegen een onzichtbare tegenstander met een Spaanse naam. Ironisch genoeg is de Nederlandse vertaling van Corona het woord kroon. Een kroon die we op het seizoen hadden kunnen zetten.

Hadden kunnen, want we waren er nog lang niet. Waarschijnlijk was het zo goed als kansloze ADO onze bananenschil geweest op weg naar de Coolsingel. Of een onnodige nederlaag bij het als los zand aan elkaar hangende FC Twente. Nog realistischer was geweest dat een van de twee koplopers de titel had gepakt.

Feit is dat we het nooit zullen weten en daardoor de waarde van het afgelopen seizoen per jaar in mythische proporties toe zal nemen. ‘Het seizoen dat we uit kansloze positie de dubbel hadden gepakt’.

Maar alles is anders nu. Op het moment van schrijven lijkt het mij hoogst onzeker of er voetbal met publiek op korte termijn mogelijk is. Wie neemt het risico om als haringen in een ton in tramlijn 23 te staan? Of in het stadion schouder aan schouder naast een wildvreemde te zitten?

En juist dat laatste ontmoedigd me nog het meeste. In de pre-Corona tijden ben ik na een cruciale goal nog wel eens, drie rijen lager, bovenop een stel wildvreemden beland. Of gaf ik highfives aan iedereen om mij heen na weer een treffer van Berghuis. Juist op die momenten is Het Legioen één geheel. Jong of oud, arm of rijk: in het stadion willen we allemaal maar een ding. En dat is Feyenoord zien winnen.

Dat het komend seizoen wel eens een seizoen kan worden dat we Feyenoord helemaal niet live in het stadion zien spelen daar moet ik nu nog even niet aan denken. Van mij mag er één club failliet gaan deze zomer. Real Corona FC.

Weer in De Kuip

Na meer dan twee maanden weer eens in De Kuip, het mooiste stadion van het Oostelijk halfrond en ver daar buiten.

Wat ik in deze Corona-tijden in het stadion deed? Aanstaande vrijdag is het 18 jaar, een volwassen mensenleven, geleden dat een Nederlandse voetbalclub een Europese prijs won. Toevallig ook de eerste Nederlandse club die ooit een Europese prijs won. Dat moet niet onvermeld blijven.

Enfin, ondanks mijn radiohoofd werd ik door de PR-afdeling van Feyenoord benadert of ik iets over deze legendarische finale tegen Borussia Dortmund wilde vertellen op vak KK, het vak waar ik ook op 8 mei 2002 zat.

Dus vanmiddag stond ik daar in het shirt dat ik die avond ook aan had te vertellen over hoe ik (of beter gezegd Sandra, mijn zus en ik) die finale beleefd hebben.

Het werd een mooi interview. Aanstaande vrijdag staat de hele finale met alle gesprekken eromheen op het YouTube kanaal van Feyenoord. Uitzending zal rond 20:00 uur beginnen.

De andere gast in het programma is Bert van Marwijk, hem gaan ze deze week nog bezoeken. En dan heb je eigenlijk wel de twee pijlers onder het succes in 1 uitzending. Bert en ik dus.

Leve Feyenoord 1!

Karma

Om nu te zeggen dat wij hier grote fans van de nationale voetbalbond zijn nee, daar doen die uitspraken van hun bestuursleden de laatste weken niets aan af. Maar één keer was ik wel erg blij met ze, dat is deze week alweer 18 jaar geleden. Na de wedstrijd in het UEFA-Cuptoernooi in Eindhoven in 2002 kon je op de website van de KNVB een aanvraag doen voor kaarten voor de finale die op 8 mei van dat jaar in onze eigen Kuip zou plaatsvinden. De KNVB organiseerde die wedstrijd uit naam van de UEFA en kon zodoende neutrale kaarten verkopen.

Uitkaart

Er was nog een lange weg te gaan in het toernooi. De return tegen PSV moest nog volgen en dat was pas de kwartfinale. De kans leek mij groter dat we bij Internazionale-AC Milan zouden zitten op 8 mei in Rotterdam. Als we überhaupt kaarten wisten te krijgen. Maar niet geschoten.

Toen de finale eenmaal gehaald werd, was duidelijk dat mensen die een uitkaart hadden ook in aanmerking zouden komen voor een kaartje, het was immers een wedstrijd op neutraal terrein. Zodoende waren Sandra en ik sowieso verzekerd van een kaartje. In onze ogen wel terecht want we hadden bijna alle uitwedstrijden ook bijgewoond.

Karma

Niettemin was ik erg blij dat deze brief vijf dagen na de return tegen Internazionale op de deurmat viel. Op deze manier had mijn zus en een vriend van Sandra en mij ook een kaartje. De kaartjes die we via onze uitkaart hebben gekocht hebben we verkocht aan twee bekenden die achter het net hadden gevist. Een combinatie van vraag en aanbod en niet echt handige bedieners van het verkoopsysteem bij de diverse ticketboxen in den lande.

Een van de kaartjes had ik bewaard voor iemand met wie ik eind jaren ’80 altijd in de bus zat als ik naar De Kuip ging. Hij stapte dan altijd in de Bergse Dorpsstraat op bus 170 bij de en het resterende stuk hadden we het er vaak over hoe slecht Feyenoord destijds wel niet was. Ik vond dat altijd frappant dat hij de bus nam. Want tramlijn 4 was net zo snel. Waarschijnlijk ook een vorm van bijgeloof. Je klampt je aan van alles vast.  Bij De Kuip zochten we allebei ons eigen plekkie op vak R op. Ik hoorde via Fred dat hij geen kaartje had en dat hij naarstig op zoek was. Een ideaal moment om wat aan mijn karma te doen.

Ik voelde me een beetje Hennie Huisman toen we de winkel inliepen waar hij werkte om het kaartje te verkopen. Hij reageerde eerst nogal verbaasd (we hadden zijn baas gebeld of hij aanwezig was) en vroeg me wat ik dan wel niet voor die kaartjes wilden hebben want op internet gingen ze voor meer dan 300 euro weg. Mijn antwoord was “gewoon 30 euro per stuk, dat heb ik er ook voor betaald” Feyenoorders onder elkaar hé.

Schimmige deal

Hij had op dat moment echter geen geld bij zich en belde zijn zus om het te komen brengen. Blijkbaar was hij bang dat ik alsnog weg zou lopen met het kaartje want vijf minuten later kwam zijn zus met gierende banden de stoep op gereden en de verkoop werd beklonken. Van een afstand leek het wel een schimmige deal en we hadden geluk dat de politie niet zo alert was die avond. Een avondje Noordsingel had er zo ingezeten.

Voor het bedrag wat de kaarten op marktplaats deden had ik een PlayStation kunnen kopen (die ik toen zeer graag wilde hebben) maar dat kon ik niet over mijn hart verkrijgen. Het verkopen van een kaartje voelde nooit zo goed. Wat wás die kerel blij zeg.

Playstation

Hoe dichter we bij de finale kwamen hoe bijgeloviger ik werd. Van de vier kaartjes hield ik die met stoelnummer 85 voor mijzelf. Mijn eerste wedstrijd zag ik in ’85, de finale was op 8-5 en op dat moment had ik een vaste plek op vakkie-N op rij 8, stoel 5. Dit kaartje moest wel geluk brengen. En zo geschiedde, die PlayStation heb ik trouwens tot op de dag van vandaag nog steeds niet gekocht. Maar we wonnen mooi wel, dankzij mijn goede daad natuurlijk. Foto’s hiero!

Bring on 2020, die PlayStation heb ik inmiddels wel.