Kroon

De grootste nederlaag leden we dit seizoen niet op het veld maar daarbuiten. Tegen een onzichtbare tegenstander met een Spaanse naam. Ironisch genoeg is de Nederlandse vertaling van Corona het woord kroon. Een kroon die we op het seizoen hadden kunnen zetten.

Hadden kunnen, want we waren er nog lang niet. Waarschijnlijk was het zo goed als kansloze ADO onze bananenschil geweest op weg naar de Coolsingel. Of een onnodige nederlaag bij het als los zand aan elkaar hangende FC Twente. Nog realistischer was geweest dat een van de twee koplopers de titel had gepakt.

Feit is dat we het nooit zullen weten en daardoor de waarde van het afgelopen seizoen per jaar in mythische proporties toe zal nemen. ‘Het seizoen dat we uit kansloze positie de dubbel hadden gepakt’.

Maar alles is anders nu. Op het moment van schrijven lijkt het mij hoogst onzeker of er voetbal met publiek op korte termijn mogelijk is. Wie neemt het risico om als haringen in een ton in tramlijn 23 te staan? Of in het stadion schouder aan schouder naast een wildvreemde te zitten?

En juist dat laatste ontmoedigd me nog het meeste. In de pre-Corona tijden ben ik na een cruciale goal nog wel eens, drie rijen lager, bovenop een stel wildvreemden beland. Of gaf ik highfives aan iedereen om mij heen na weer een treffer van Berghuis. Juist op die momenten is Het Legioen één geheel. Jong of oud, arm of rijk: in het stadion willen we allemaal maar een ding. En dat is Feyenoord zien winnen.

Dat het komend seizoen wel eens een seizoen kan worden dat we Feyenoord helemaal niet live in het stadion zien spelen daar moet ik nu nog even niet aan denken. Van mij mag er één club failliet gaan deze zomer. Real Corona FC.

Weer in De Kuip

Na meer dan twee maanden weer eens in De Kuip, het mooiste stadion van het Oostelijk halfrond en ver daar buiten.

Wat ik in deze Corona-tijden in het stadion deed? Aanstaande vrijdag is het 18 jaar, een volwassen mensenleven, geleden dat een Nederlandse voetbalclub een Europese prijs won. Toevallig ook de eerste Nederlandse club die ooit een Europese prijs won. Dat moet niet onvermeld blijven.

Enfin, ondanks mijn radiohoofd werd ik door de PR-afdeling van Feyenoord benadert of ik iets over deze legendarische finale tegen Borussia Dortmund wilde vertellen op vak KK, het vak waar ik ook op 8 mei 2002 zat.

Dus vanmiddag stond ik daar in het shirt dat ik die avond ook aan had te vertellen over hoe ik (of beter gezegd Sandra, mijn zus en ik) die finale beleefd hebben.

Het werd een mooi interview. Aanstaande vrijdag staat de hele finale met alle gesprekken eromheen op het YouTube kanaal van Feyenoord. Uitzending zal rond 20:00 uur beginnen.

De andere gast in het programma is Bert van Marwijk, hem gaan ze deze week nog bezoeken. En dan heb je eigenlijk wel de twee pijlers onder het succes in 1 uitzending. Bert en ik dus.

Leve Feyenoord 1!

Karma

Om nu te zeggen dat wij hier grote fans van de nationale voetbalbond zijn nee, daar doen die uitspraken van hun bestuursleden de laatste weken niets aan af. Maar één keer was ik wel erg blij met ze, dat is deze week alweer 18 jaar geleden. Na de wedstrijd in het UEFA-Cuptoernooi in Eindhoven in 2002 kon je op de website van de KNVB een aanvraag doen voor kaarten voor de finale die op 8 mei van dat jaar in onze eigen Kuip zou plaatsvinden. De KNVB organiseerde die wedstrijd uit naam van de UEFA en kon zodoende neutrale kaarten verkopen.

Uitkaart

Er was nog een lange weg te gaan in het toernooi. De return tegen PSV moest nog volgen en dat was pas de kwartfinale. De kans leek mij groter dat we bij Internazionale-AC Milan zouden zitten op 8 mei in Rotterdam. Als we überhaupt kaarten wisten te krijgen. Maar niet geschoten.

Toen de finale eenmaal gehaald werd, was duidelijk dat mensen die een uitkaart hadden ook in aanmerking zouden komen voor een kaartje, het was immers een wedstrijd op neutraal terrein. Zodoende waren Sandra en ik sowieso verzekerd van een kaartje. In onze ogen wel terecht want we hadden bijna alle uitwedstrijden ook bijgewoond.

Karma

Niettemin was ik erg blij dat deze brief vijf dagen na de return tegen Internazionale op de deurmat viel. Op deze manier had mijn zus en een vriend van Sandra en mij ook een kaartje. De kaartjes die we via onze uitkaart hebben gekocht hebben we verkocht aan twee bekenden die achter het net hadden gevist. Een combinatie van vraag en aanbod en niet echt handige bedieners van het verkoopsysteem bij de diverse ticketboxen in den lande.

Een van de kaartjes had ik bewaard voor iemand met wie ik eind jaren ’80 altijd in de bus zat als ik naar De Kuip ging. Hij stapte dan altijd in de Bergse Dorpsstraat op bus 170 bij de en het resterende stuk hadden we het er vaak over hoe slecht Feyenoord destijds wel niet was. Ik vond dat altijd frappant dat hij de bus nam. Want tramlijn 4 was net zo snel. Waarschijnlijk ook een vorm van bijgeloof. Je klampt je aan van alles vast.  Bij De Kuip zochten we allebei ons eigen plekkie op vak R op. Ik hoorde via Fred dat hij geen kaartje had en dat hij naarstig op zoek was. Een ideaal moment om wat aan mijn karma te doen.

Ik voelde me een beetje Hennie Huisman toen we de winkel inliepen waar hij werkte om het kaartje te verkopen. Hij reageerde eerst nogal verbaasd (we hadden zijn baas gebeld of hij aanwezig was) en vroeg me wat ik dan wel niet voor die kaartjes wilden hebben want op internet gingen ze voor meer dan 300 euro weg. Mijn antwoord was “gewoon 30 euro per stuk, dat heb ik er ook voor betaald” Feyenoorders onder elkaar hé.

Schimmige deal

Hij had op dat moment echter geen geld bij zich en belde zijn zus om het te komen brengen. Blijkbaar was hij bang dat ik alsnog weg zou lopen met het kaartje want vijf minuten later kwam zijn zus met gierende banden de stoep op gereden en de verkoop werd beklonken. Van een afstand leek het wel een schimmige deal en we hadden geluk dat de politie niet zo alert was die avond. Een avondje Noordsingel had er zo ingezeten.

Voor het bedrag wat de kaarten op marktplaats deden had ik een PlayStation kunnen kopen (die ik toen zeer graag wilde hebben) maar dat kon ik niet over mijn hart verkrijgen. Het verkopen van een kaartje voelde nooit zo goed. Wat wás die kerel blij zeg.

Playstation

Hoe dichter we bij de finale kwamen hoe bijgeloviger ik werd. Van de vier kaartjes hield ik die met stoelnummer 85 voor mijzelf. Mijn eerste wedstrijd zag ik in ’85, de finale was op 8-5 en op dat moment had ik een vaste plek op vakkie-N op rij 8, stoel 5. Dit kaartje moest wel geluk brengen. En zo geschiedde, die PlayStation heb ik trouwens tot op de dag van vandaag nog steeds niet gekocht. Maar we wonnen mooi wel, dankzij mijn goede daad natuurlijk. Foto’s hiero!

Bring on 2020, die PlayStation heb ik inmiddels wel.

 

 

Nachtmerrie

De klok op het scorebord stond al een tijdje stil op 90 minuten, vloekend keek ik richting de hemel. Was de hele inhaalrace van jan met de korte achternaam geweest? De opmars onder Dick Advocaat die door bijna het hele land (op Alkmaar en Amsterdam na) bejubeld werd. Was het allemaal voor niks geweest? De zekere titel in deze thuiswedstrijd tegen Vitesse, werd die nu echt verspeeld door een bloedeloos gelijkspel?

En telkens op het moment dat de scheidsrechter af wil gaan fluiten word ik badend in het zweet wakker. Langzaam krijgt de realiteit vat op me, er wordt voorlopig helemaal niet gevoetbald.

Typisch Feyenoord dat er juist door dít seizoen een streep gezet kan gaan worden. Een seizoen dat in oktober als volledig kansloos beschouwd kon worden, maar waar we in maart stiekem droomden over een dubbel.

Natuurlijk zijn er belangrijkere zaken in het leven. Maar met het wegvallen van de wedstrijden van Feyenoord verdwijnt er ook een stuk van je sociale leven. Het geouwehoer op de tribune met je maten. Je ergeren aan Larsson (die typisch genoeg richting China vluchtte op een moment dat iedereen daar vandaan wilde) en je verbazen over de progressie die Senesi aan het doormaken is.

Whatsappgroepen die alleen nog maar gebruikt worden voor flauwe grappen over Corona in plaats van ouderwets gescheld op de KNVB, de scheidsrechters en de VAR. Of wie of wat dan ook die in onze ogen Feyenoord benadeeld. De social distancing bleek geen anderhalve meter te zijn maar een gigantische kloof.

Normaal gesproken dagdroom ik mezelf op de fiets naar kantoor. In deze dagdromen wint Feyenoord alles, en vaak ook nog op het allerlaatste moment. De maanden onder Advocaat voelden achteraf gezien als deze dagdroom.

Hopelijk eindigt het seizoen niet alsnog als mijn nachtmerrie.

Feyenoord vs Willem II. Stuur dan het eerste

Tweede uitverkochte wedstrijd binnen 4 dagen. Weer tegen een Brabantse club.

De verwaarlozing van De Kuip. (aad de) Mos op de trappen.

Geen handen schudden maar wel een lekkere intieme huddle.

Een soort van Ultra’s?

Na de 1-0 een virtuele high-five.

Niet veel later levert een protest bij de scheidsrechter niets op.

2-0.

Blijf nou van elkaar a-hááf!

Geen 3-0.

Bergosso, dé man van 2020 tot nu toe.

 

Deze bal gaat Narsingh niet scoren.

En deze ook niet.

Normaal

Het was benauwd buiten de Geusselt, ín het stadion leek het echter wel een sauna. Achter het uitvak klonk het geblaf van politiehonden terwijl de Feyenoorders in het vak steeds dichter op elkaar gedrukt werden als gevolg van de vele valse kaarten die in omloop waren.

De wedstrijd zelf stond bol van de spanning. Zeker toen Roberto Lanckohr achter de bal ging staan om een strafschop te nemen. Typisch Feyenoord om alles te verkloten met de haven in zicht. Ed de Goeij dook de verkeerde kant op en de bal spatte uiteen op de paal. Feyenoord leefde nog.

Vlak na rust gebeurde er iets magisch voor mijn ogen: József Kiprich begon aan een slalom en staand op mijn tenen probeerde ik de hele actie te volgen. Met een slepende beweging passeerde József de keeper en zette Feyenoord op voorsprong. Euforisch van vreugde konden we de titel al bijna ruiken.

Een schril contrast met Kiprich’ zijn eerste kennismaking met Het Legioen. Boos van woede werden de spelers van de groene grasmat gejaagd na een 0-2 achterstand. Het was de eerste keer dat József in de basis stond bij Feyenoord en de Hongaar leek in niets op een profvoetballer.

De seizoenen erna groeide de Tovenaar van Tatabánya langzaam maar zeker uit tot een cultfiguur in het Nederlandse voetbal. Voornamelijk door een interview waarin hij aan de verslaggever vraagt wat ‘puffen’ betekent.

Zes dagen na Maastricht bevond ik me weer in een uitvak. In de hoek van het Oosterpark moest de bevestiging komen van hetgeen waar Rotterdam al dagen van in de ban was.

Uiteraard was Kiprich de maker van de bevrijdende (en schitterende) goal. Na afloop van de wedstrijd werd het veld, net zoals bij zijn debuut, weer bestormd. Ditmaal door een uitzinnige supportersschare. De ‘normaalste’ voetballer in dienst van Feyenoord was kampioen.

Joszef gaat op de schouders na zijn allerlaatste wedstrijd voor Feyenoord.

Shirt uit

Het was waterkoud in De Kuip op zondagmiddag zes december 1992. De meeste supporters zaten weggedoken in hun jas en zagen een tiental Feyenoorders ploeteren tegen Vitesse. En toen was daar ineens Mike Obiku die na zijn goal van pure vreugde zijn shirt uittrok. Het werd, naast een brede glimlach, het handelsmerk van de Nigeriaan.
De mooiste keer dat Obiku zijn shirt uittrok was uiteraard in het Olympische stadion. Nadat hij een redelijk kansloos Feyenoord in de sudden-death alsnog de winst op Ajax schonk.

Na Obiku zijn er nog een aantal Feyenoorders geweest die na een goal hun shirt uittrokken na een beslissend moment. Van Hooijdonk na zijn tweede goal in de UEFA-Cupfinale bijvoorbeeld.

Het invoeren van een gele kaart als strafmaatregel weerhield een keur aan Feyenoorders niet van een striptease na een goal

Toen Feyenoord in het eerste seizoen onder Koeman bezig was aan een opmars in de Eredivisie meende toenmalig publiekslieveling John Guidetti zijn shirt uit te trekken na zijn benutte penalty tegen RKC. Tot op de dag van vandaag ben ik ervan overtuigd dat dit ons dat seizoen de titel heeft gekost, Guidetti kreeg namelijk zijn tweede geel voor deze actie.

Dirk Kuijt trok ook zijn shirt uit na zijn hattrick in de kampioenswedstrijd tegen Heracles. De gele kaart kon hem niets schelen, het bleek de laatste wedstrijd in zijn lange carrière te zijn geweest. Iets wat hij natuurlijk al wist.

De laatste kaart was voor onze nieuwe vriend Bozenik na zijn goal tegen PEC Zwolle. Juichend liep hij ontbloot naar het verkeerde vak. Ik vermoed dat Advocaat, geen fan van frivoliteiten, hem wel verteld heeft dit niet nog een keer te doen.

Behalve als we in de beker Ajax treffen natuurlijk. Wie weet krijgt Bozenik dan ook een benzinepomp naar hem vernoemd.

Feyenoord vs Emmen in de OzyaKuip

Soms is het gewoon ff mooi om door Rotterdam te wandelen. Vanaf station Rijnhaven via het Afrikaanderplein en de Beijerlandselaan richting Kuip.

Een behoorlijk vol stadion. Als er met passie gevoetbald wordt komt het publiek vanzelf.

De bank met Bozenik. Die zou later nog Blijenik worden.

Huddle met een van de uitblinkers van de laatste tijd, Bijlow, op de rug gezien.

Dat düürde niet lang voordat we konden jüichen. Doelpünt in De Küip.

Lekkere binnenkomerT.

En ook gewoon een vrije trap opeisen,

Bleek loos alarm.

Feyenoord drong nog wel aan maar in de tweede helft werd het toch wat link.

Bevrijdende 2-0 van Jorgensen.

Hem.

Die nieuwe kleurstelling vindt mijn camera niet zo fijn. Maar er staat dus 2-0.

En de man van de derde goal was Sinisterra.

Wissel. Jorgensen eraf en Bozenik erin. Een wissel die we de komende tijd vaker zullen zien.

Jammer dat Berghuis niet accuraat was.

Maar hij was toch een Blijenik.