Hoofball

“I really loved total Football. Nieskens, Kroeiff and Vén Ennegem, can you tell our listeners what went wrong with Orenjé?”

De verslaggever van de lokale radio in North Ferriby kijkt me hoopvol aan. Even overweeg ik om een Beenhakkeriaanse zucht te laten vallen en te vragen of hij een ‘an hour to kill’ heeft. In plaats daarvan vertel ik een paar minuten tijd wat er mijns inziens allemaal mis is met het Nederlandse voetbal: kunstgras, talenten die te vroeg vertrekken naar het buitenland en de 67e aanstelling van Dick Advocaat als bondscoach. Ook het Zeister selectiebeleid, iets waar wij in Rotterdam vaak hoofdschuddend naar kijken (remember John Veltman?), geef ik een veeg uit de pan. Na nog wat vragen over ons bezoek aan juist deze club haast ik me naar de social bar, er stond nog een pint op me te wachten.

Van de wedstrijd op het zesde niveau van de Engelse voetbalpiramide verwacht ik niet al te veel. Meestal zijn dit soort potten keihard en wordt vooral de lange bal gehanteerd, de zogenaamde ‘hoofball’. Maar na de eerste minuten aftasten en een paar ‘hoofs’ ontspint zich een wedstrijd waarin de buitenspelers de achterlijn op zoeken en de middenvelders doorschuiven. Twee klassieke 4-3-3 formaties die, vergeef me de dooddoener, de Hollandse school hanteren. Na 80 minuten staat de thuisclub, die stijf onderaan staat, onterecht met 2-3 achter. In plaats van de ‘hoofball’ te hanteren blijven ze over de flanken aanvallen met als resultaat een fraaie gelijkmaker.

Eenmaal terug op de boot staat op de televisie Wit Rusland tegen Nederland aan. Er staan elf spelers in het Oranje op het veld waarvan ik de meeste niet zou herkennen als ze voor mijn neus zouden staan. De ploeterende tegenstander is gehuld in een soort van kersttrui en het stadion is verre van vol. De eerste bal die ik van achteruit gegeven zie worden is een lange trap naar voren.

Dát had ik moeten vertellen wat er mis is met het Nederlandse voetbal. We hebben die verdomde ‘hoofball’ van die Engelsen overgenomen. Total football leek halverwege op de Noordzee verder weg dan ooit.

Verslag North Ferriby United vs FC United of Manchester staat online

Peenvogeltrip nummer 13 alweer. Dertien keer op stap met een wisselende groep feestvierders/drinkebroeders/groundhoppers/anglofielen of mensen die er ingeluisd werden, zoals bekend mijn allernieuwste hobby.

De eerste trip naar York City was geweldig. Daarna volgden Grimsby Town, Rotherham United, Sheffield United, Lincoln City, Scunthorpe United, Sheffield Wednesday, Doncaster, Barnsley, Halifax Town, Bradford City en begin dit jaar dus Hull City.

Het was een interlandweekend en dus spelen de twee hoogste divisies niet in Engeland. En het was ook nog eens Non-League Day, een dag om fans van clubs uit de twee hoogste divisies naar lokale (amateur)clubs te trekken. Via mail zocht ik contact met James, de bedenker van NLD, en zodoende werd er aardig wat ruchtbaarheid aan onze komst gegeven.

Klik (hier, klikkerdeklikkerdeklik) om de foto’s te bekijken. Of op onderstaande foto.

AandachtstrekkerT

Twitter, er staat echt een boel onzin op maar met die Peenvogel-trips is het vaak reuze handig. Het zorgt voor wat contacten bij de club en in dit geval een interview met de BBC over ons aankomende bezoek aan North Ferriby United. Vooral mijn antwoord op de vraag of we de club al eerder hadden bezocht leverde een schaterlach op aan de andere kant van de lijn. En er was geen woord van gelogen.

Ons oorspronkelijke plan in het voorjaar was echt om naar North Ferriby te gaan. Hull vs Liverpool was het, overigens best smakelijke, alternatief. Dat valt voor Engelsen maar moeilijk te bevatten.

Ook komend weekend blijft onze komst niet onopgemerkt. Het voordeel is dat je dan redelijk wat aanspraak hebt op zo’n dag zelf. En dat is, moet ik eerlijk bekennen, best leuk. Nog twee nachtjes slapen en we kiezen weer het ruime sop. Ik heb er nu al zin in.

Nummer 14 op Hill 16

Op het moment dat Berghuis een paar honderd kilometer verderop de 2-1 scoorde liep ik achter Hill16. De spirituele plaats van Croke Park, dat immense stadion in het noorden van Dublin. Door de mensenmassa rondom het stadion werkte whatsapp niet en de goal kreeg ik via een ouderwets sms’je binnen. De straten en pubs op weg naar Croke Park stroomden vol met fans van beide teams, die zij aan zij stonden te drinken op straat. De ‘garda’ hield een oogje in het zeil maar hoefde niet in actie te komen.

Waar je normaliter bij grote wedstrijden de spanning voelt als er twee grote supportersgroepen tegelijkertijd op straat zijn, voelde ik nu alleen de spanning van het bezoeken van dit legendarische stadion. En het bezoek aan mijn allereerste hurlingwedstrijd. Dat viel nog niet mee voor een voetbalsupporter als ondergetekende. Het spel ging razendsnel en nog voordat ik mijn ogen kon laten wennen aan de kleine bal, en de passes hoog door de lucht over meer dan 100 meter, stond het al 1-1.

Heel even moest ik aan zwerkbal denken, maar de fictieve sport uit Harry Potter vergelijken met hurling zou blasfemie zijn. Zelfs het maniakale kick and rush in de lagere Engelse divisies was hiermee vergeleken een sport voor slakken.

Het rood en wit van Cork was de bovenliggende partij op de tribunes. Het blauw en wit van Waterford was dat op het veld. Ik zag tackles, charges en beuken zonder dat er geklaagd werd bij de scheidsrechter. Het is de laatste tijd modieus om te zeggen dat er bij vrouwenvoetbal niet gezeurd wordt. Bij deze 30 amateurs op het heilige gras van Croke was dat nog veel minder. Bomen van kerels maakten hier de dienst uit en klopten het gras van hun schouders af na weer een aanslag op hun lichaam.

Toen de dreigende nederlaag bijna een feit was dropen de rood-witten van Cork, nauwelijks teleurgesteld, het vak af. Vlak voor me liep een jongen in een door mij verfoeid shirt met op zijn rug nummer 14.

Voor een moment wilde ik heel kinderachtig aan hem vragen of hij wist wat zijn club de avond ervoor had gedaan? En of hij wist dat Feyenoord degelijk was gestart én drie punten los stond? Maar zulk gedrag zou in deze setting, waar families en hele hordes tienermeisjes op de tribune zaten, aanvoelen als heiligschennis. Het was zo gemoedelijk en feestelijk rondom Croke Park en dat moest ik maar zo laten. Al had deze Ier waarschijnlijk geen idee waar ik het over zou hebben. Het kopen van zo’n shirt getuigd niet van echt veel kennis van wat cult is in voetbal. Dan had ie net zo goed een Barcelona of PSG shirt aan kunnen doen. Of Bayern.

Bij het teruglopen naar het hotel dacht ik aan alle grote en kleine rivaliteit in onze eigen eredivisie. Steden of provincies tegen elkaar. Derbies van het noorden of Kralingen tegen Spangen, en uiteraard De Klassieker. Soms heel lelijk maar ook net zo vaak heel mooi. Het gejen bij de koffieautomaat en de eeuwige discussies in de kroeg. Hele families die verdeeld zijn door clubvoorkeur.

Nummer 14 zag ik iets verderop de kroeg induiken tussen feestende fans van de tegenpartij in. Breed lachend bestelde hij een pint Guinness. De Eredivisie leek weer even verder weg dan ooit.

Verslag van Corcaigh vs Port Láirge staat online.

Tsja, ik was in Dublin omdat we er toch gingen lopen staan te hardlopen (klik). Een snelle blik op internet leerde dat er gevoetbald werd. Een ronde in de Ierse beker waar niet echt geweldige wedstrijden in en rondom Dublin gespeeld zouden worden. Mijn andere oog viel op de fixtures op Croke Park. De halve finale van de GAA Hurling All-Ireland Senior Championship tussen Cork en Waterford.

Een wedstrijd waar traditiegetrouw veel, heel veel toeschouwers op af komen. Ik kocht als Hurling newbee een ticket voor de befaamde Hill 16 staantribune en begaf me rond twee uur op weg vanuit het centrum richting Croke Park. Ik was niet de enige met dat plan. Klik hier (klikkerdeklik) voor het verslag.

Luka

Het eettentje richting het station had de naam ‘Gençlerbirliği’, het restaurant ernaast verkocht sheesh kebab. Het druilerige weer en het Carlsberg-bord bij de dichtgetimmerde winkel op de hoek verraadde dat we niet in Ankara waren maar in een wijk in Londen.

De aanhangers van Tottenham doken iets verder weg in hun jas en liepen snel door richting de trein. Hun club had dan wel met 4-0 gewonnen maar het was ijskoud op deze zaterdag in januari. Een groot deel van het aanwezig publiek had de lokroep van de pub ook al niet weten te weerstaan en daalde in de 80e minuut al van de tribunes naar beneden.

Mijn doel was om White Hart Lane nog een keer te bezoeken voordat het stadion verbouwd zou gaan worden. Om de club zelf, en het voetbal dat ze speelde, gaf ik niet zo veel. Toch was mijn oog de hele wedstrijd op de blonde middenvelder van de thuisclub gericht. Hij strooide met de ene na de andere pass en leek het spel allemaal net iets sneller te zien dan zijn teamgenoten. Modric was de beste speler van de Spurs. Dat was zelfs in deze eenvoudige overwinning op Peterborough duidelijk te zien. Ik vroeg me af hoelang hij nog in Londen zou blijven voetballen.

In een tijdperk waarin voetballers worden aanbeden als halfgoden dacht ik na welke grote buitenlandse voetballers ik in de ruim 30 jaar dat ik wedstrijden bezoek eigenlijk met eigen ogen gezien heb (buiten alle sterren van Feyenoord om dan natuurlijk). Messi en Ronaldo (de Portugees) niet, daarvoor is de absentie van mijn club in de Champions League al te lang. Maar wel spelers als Rooney, Giggs, Torres, Buffon, Beckham, Ronaldinho en Zidane. Uiteraard ook de Brazilianen Romario en Ronaldo, al kon ik die pas waarderen toen ze uit Nederland vertrokken waren.

Het zullen er vast meer geweest zijn maar ik hou meer van de randzaken om het voetbal heen. Een dagje uit met je vrienden, biertje en goed eten erbij. Spelers ‘an sich’ doen me niet zoveel, uitslagen van wedstrijden waar mijn eigen club niet bij betrokken is vergeet ik snel. Maar waar soms een liedje of een geur je terug kan brengen naar een bepaalde vakantie had ik dat deze week bij het zien van een voetballer.

Bij Bayern Munchen tegen Real Madrid zag ik Modric de laatste twintig minuten strooien met passes zoals in de wedstrijd tegen Peterborough. Een van zijn Madrileense teamgenoten was Gareth Bale en Google leerde me dat ook hij speelde op die koude zaterdag in Londen.

De Welshman was mij destijds niet opgevallen en gelukkig ben ik geen scout voor een Nederlandse club. Al doet de transfersom van 100 miljoen vermoeden dat Madrid hem met het bord op schoot gescout heeft tijdens de flitsen van Match of the Day, geen enkele speler is zoveel geld waard.

Mijn oog viel weer op Modric, een liefhebber op het middenveld. Ik kreeg spontaan trek in de sheesh kebab zoals die in Londen aangeprezen werd. In de koelkast zocht ik tevergeefs naar een flesje Carslberg.

Naschrift: foto’s van deze wedstrijd staan hier (klik).

Parka

Volgens mijn reisgenoot hielden ze hier niet zo van voetbaltoeristen. Ik knikte en dook wat verder weg in mijn parka. Het was niet echt lekker weer in South-Bermondsey maar dat maakte het plaatje van de ruige omgeving wel compleet.

Nu zijn parka’s wel onlosmakelijk verbonden met de Britse mod-cultuur maar een beetje Engelsman loopt zelfs in februari nog in een dun jasje. Uiteraard een dun jasje van een paar honderd pond. Met mijn dikke jas was ik net zo onopvallend tussen de lokale bevolking als backpackers in Azië denken te zijn als ze een batik-shirt aantrekken en hun haar in ongewassen dreadlocks dragen. Wat nog ontbrak was een rolkoffertje.

In The Golden Lion de, helaas ter ziele gegane, pub om de hoek bij The New Den mengde ik al beter tussen de fans van Millwall. Ik had voor de gelegenheid mijn witste Adidas-schoenen aan en mijn blauwste polo van Fred Perry, de kleur van The Lions.

Binnen een minuut kwam er een Engelsman naar me toe om te vragen waar ik vandaan kwam. Gevolgd door een Belg die een kwartier later kwam informeren of ik mee ging om de bussen op te wachten van Cardiff City, de tegenstander van die dag. Ik vroeg me af of ik ergens een briefje op mijn rug had zitten waarop de woorden ‘ramptoerist’ en ‘Nederlander’ stonden. Dat bleek niet het geval te zijn.

De pub vulde zich langzaam met types die zonder uitzondering gecast hadden kunnen worden voor de zoveelste film over hooligans of over criminelen in Londen. De een nog in duurdere kleding gestoken dan de andere. Een kerel stond continu met zijn telefoon aan zijn oor afspraken te maken met zijn evenknie aan de zijde van Cardiff. Ik vond het wel mooi geweest en trok mijn parka aan. Bij het aantrekken van mijn dikke jas stootte ik per ongeluk een pint van de tafel van een van de tandeloze reuzen naast me. Ik kreeg visioenen van een blauw oog en een gebroken bril, of een flink pak rammel in een steeg naast de pub. Tussen de vuilcontainers en de pissende mannen in.

Ik keek de tandeloze reus aan en die zei ‘no problem mate, these things happen’ en gaf me een bemoedigende tik op mijn schouder. Ik was gelijk 5 centimeter korter. Zelfs een nieuw biertje wilde hij niet van me.

De wedstrijd zelf werd door beide supportersgroepen gebruikt om elkaar eens flink te beledigen. In plaats van fysiek contact werden de grenzen opgezocht in verbaal geweld waarbij zelfs de ernstigste verwensingen in het Engels beter klinken dan dat gescheld met ziektes in het Nederlands.

In de rust besloot ik een pukka pie te halen en sloot netjes aan in de rij waarin Engelsen zo goed zijn. Zelfs bij het rauwe Millwall werd keurig netjes gewacht tot je aan de beurt was. De tandeloze reus uit de pub was er ook en bestelde een pint.

‘Shite match and a bit cold Dutchy’ hij lachte in mijn richting en gaf me weer een bemoedigend tikje op mijn schouder. De helft van mijn pint klotste uit de plastic beker op de grond. Ik besloot er maar niets van te zeggen. Hij dronk zijn pint in drie teugen op en liep terug naar de tribune. Nodeloos om te zeggen dat hij geen jas aan had. Ik dook zelf weer wat dieper weg in mijn parka.

Reisverslag staat hier

Verslag Wattenscheid vs Siegen staat online

Duitsland lag om de hoek tijdens ons familieweekend. En Marco had na Berchem en Uerdingen de smaak te pakken van matig bezochte wedstrijden op een laag niveau.

En ik zeg uiteraard geen nee tegen een stadion in den vreemde, zeker niet als dit nummer 150 zou blijken te zijn (een feestelijk moment). Wattenscheid ligt midden in het Ruhrgebied en is een onderdeel van de stad Bochum. De club is ingeklemd tussen voetbalreuzen als Schalke, Dortmund en in mindere mate Bochum. Het was dan ook niet raar dat er ongeveer 650 mensen op deze wedstrijd afkwamen.

Klik op de foto (of hier) om het verslag te bekijken.

Wattenscheid (25)