De eerste training in 1989

De eerste keer dat ik een training voor aanvang van een nieuw seizoen bijwoonde, was in de zomer van 1989. Met Pim Verbeek had Feyenoord de kroonprins van het betaalde voetbal binnengehaald en met een IT-bedrijf als shirtsponsor stond niets een gouden toekomst in de weg. Een achteraf gezien memorabel seizoen. Tijdens die eerste training hadden we daar nog geen weet van. Het werd een seizoen met een veldbestorming, een wedstrijd zonder publiek en een elfde plaats.

Maar op die warme woensdagmiddag waren we nog vol verwachting en namen we bus vanaf Rotterdam Centraal om vlak bij De Kuip uit te stappen. Op de plek waar nu de kantine van vak W zich bevindt, zaten destijds de kantoren van de club en het stadion. Na een paar minuten rondgelummeld te hebben bij het standbeeld ‘De voetballer’ van Hendrik Chabot kochten mijn buurjongen en ik voor 150 gulden een seizoenkaart voor Vak R. Het was mijn tweede seizoenkaart en zijn eerste.

In mijn herinnering deed het allemaal nogal Oost-Europees aan. Een klein loketje met een donkerhouten lambrisering en een kaartenbak. Waarschijnlijk was de sigarenrook om te snijden en stond er een oude typemachine. Het enige wat nog ontbrak was een poster van een arbeider. Volksclub Feyenoord, sterker door strijd. Met hamer en sikkel op de achtergrond.

Geen fakkels

Na de financiële plichtplegingen konden we buiten de eerste rondjes van de selectie bewonderen. Geen mensenmassa’s, geen fakkels, geen fanshop en geen bierpomp. Ook werden er geen nieuwe shirts getoond. Sterker nog, Feyenoord trainde in dezelfde Hummelshirts als het jaar ervoor. Over de sponsoropdruk met Opel was in het blauw de naam van de nieuwe geldschieter genaaid. Met dikke letters stond er HCS. Het bedrijf dat bijna onze ondergang zou betekenen.

Er waren wel wat meer supporters en die stonden bijna allemaal op de trappen naar de tweede ring. Zodoende konden we de eerste arbeid zien van de nieuwe spits Piet Keur. En zagen we oude bekenden als Marcel Brands en John Metgod weer terug op het trainingsveld.

Ik zou graag meer hebben willen vertellen over deze eerste training, maar de waarheid is dat ik er niets meer van weet. Het was gewoonweg een niet zo spectaculair iets. De voetballers liepen een rondje, deden een rondo en dat was het wel. Het is niet zo dat ze tegenwoordig veel meer doen op zo’n eerste training van het seizoen, maar het is in de loop der jaren een cult-event geworden. Met extra tribunes, twee trainingen op een dag in verschillende shirts en fakkels, heel veel fakkels.

Rond de eeuwwisseling en de winst van de UEFA-Cup was de drukte bij de eerste training niet normaal. Er zijn clubs in de Eredivisie die zulke toeschouwersaantallen niet eens bij competitiewedstrijden halen. En in Rotterdam kwamen die mensen allemaal kijken hoe de selectie haar eerste rondjes afwerkte. Een uniek fenomeen.

Open Dag

Om over de Open Dag maar te zwijgen, ook zo’n evenement wat moeilijk uit te leggen valt aan buitenlandse fans. Ja, er komen 40-45.000 man op het landen van een helikopter af. Op de introductie van het zoveelste “nieuwe Feyenoord” en een wedstrijdje tussen C-artiesten.

Maar bovenal zijn de open dag en de eerste training dagen van hoop en hunkering, net zoals de laatste training voor De Klassieker. Hoop op betere tijden en een hunkering naar succes. Uitgesproken verwachtingen over kampioenschappen die achteraf verder weg (of dichterbij zoals de laatste seizoenen onder Koeman) leken. Een dag van saamhorigheid, trots en passie. Maar ook een uitgelezen kans om je voetbalmaten weer te zien na die lange, saaie voetballoze zomer.

1e training 1989001

1e training 1989002

 

1e training 1989003

1e training 1989004

1e training 1989006

Pim Verbeek kijkt naar twee toeschouwers die langs de rand van het veld zitten.

1e training 1989010

1e training 1989009

Wat nou nieuw shirt? Gewoon een banner met HCS over het OPEL-logo.

1e training 1989012

De Berg

‘En in welk leger zat je dan? En tegen wie vochten jullie? En heb je lang gehuild? En hebben je vriendjes helpen zoeken? En wat voor kleur was ie?’

Bastiaan vuurt zijn vragen op me af alsof hij een mitrailleur leeg schiet. En dat was precies het onderwerp van gesprek. Nou ja, geen mitrailleur maar een blauw speelgoedpistool. Het speelgoedpistool dat ik hier ooit kwijtraakte. Ongeveer vierendertig jaar geleden.

Terwijl Bastiaan vragen blijft stellen kijk ik nog eens goed naar ‘De Berg’, want zo heette dat ding toen ik jong was. Nu lijkt het meer een heuveltje en vraag ik me af hoe we hier ooit in godsnaam van af hebben kunnen sleeën. In mijn jeugd was ‘of je alleen naar De Berg mocht’ een ding. Als je dat mocht, en dus niet meer afhankelijk was van een oudere broer of zus, dat was een teken van vertrouwen.

We bouwden er hutten en haalden duizelingwekkende stunts uit op onze net-niet crossfietsen. En we speelden er soldaatje. En toen raakte ik dus ooit een van mijn pistolen kwijt. Ik vertelde het argeloos aan Bastiaan toen we in zijn geheime hut, aan de voet van de berg, aan het kijken waren maar het laat hem niet los.

‘Heb je lang moeten huilen? Hoe oud was je toen je stopte met huilen?’

De Berg was ook een gedemilitariseerde zone tussen Castor en Pollux, twee straten die naast elkaar lagen in de Sterrenwijk. En omdat het de jaren ’80 waren hadden ook wij een grensconflict, net zoals in het Oostblok en Noord-Ierland. Castor en Pollux, nee die twee moesten elkaar helemaal niet. Dat de helft van je klasgenoten uit Pollux kwamen maakte niet uit. Als er sneeuw lag was het bal tussen die twee straten. Maar op de berg was een soort van wapenstilstand. Al was het maar omdat hier ook kinderen uit Saturnus, Venus en Jupiter kwamen spelen.

‘We moeten dit aan jouw papa en mama gaan vertellen’ Bastiaan kijkt er serieus bij. En hij stelt voor een nieuw pistool te gaan kopen.

Op weg naar mijn ouders houdt hij er niet over op en zodoende sta ik een paar minuten later in mijn ouderlijk huis op te biechten dat ik een blauw pistool ben kwijtgeraakt. Vierendertig jaar geleden. Mijn ouders houden hun gezicht strak in de plooi, al was het maar omdat Bastiaan begint te huilen vanwege het voorval.

Op de terugweg naar huis zegt hij dat we er maar niet meer over moeten praten. Bastiaan fietst, ik loop zwijgend naast hem. Bij de bocht naar de supermarkt stopt hij even en kijkt me aan ‘En ik wil ook dat je daar geen soldaatje meer gaat spelen.’

Verdorie…..

image

Generatiekloof

De scheiding met Henk was het beste dat haar was overkomen. Eindelijk had ze haar vrijheid terug. Maar wat moet je met al die vrije tijd als je het met niemand kan spenderen? Al haar vriendinnen was ze kwijtgeraakt door de scheiding. Daarom had ze haar zoon gevraagd een contactadvertentie aan te maken. Op een website. Zelf moest ze niks van computers hebben maar hij was er handig in.

De eerste reactie was gelijk een match. Een vrouw van net zestig uit de buurt. Tijdens de wandeling door het bos was er een klik. Maria, zo heette ze, vroeg bij het afscheid of ze vrienden konden worden op Facebook.

Facebook? Nee, dat had ze niet. Twitter dan? Nee, ook niet. Instagram, WhatsApp, Pinterest? Desnoods een gewoon e-mailadres of haar mobiele nummer?

Diezelfde avond nog vroeg ze haar zoon de advertentie op internet te verwijderen. De volgende dag toog ze richting de plaatselijke supermarkt.

1962015

Een avond op Harga

‘Ja, dit is gewoon klote’ zegt de steward-voor-een-avond. ‘Twee mensen van rond de 75 hadden het kassahokje vorige week geschilderd ter voorbereiding op het toernooi en kijk wat er nu gebeurd is’. Hij wist op witte hokje met een rood en een groen raam. Erboven is graffiti gespoten. Ik kan niet ontcijferen wat er staat. Maar net zoals laatst in Haarlem drijft vandalisme ook hier de vrijwilligers tot wanhoop.

Op de fiets vanuit mijn woonplaats was ik op zoek naar de lichtmasten van Harga. Ik was er nog nooit geweest en het toernooi met clubs die failliet zijn gegaan leek mij een mooie gelegenheid deze blinde vlek op mijn stadionkaart te bezoeken. Totdat er wat doorgesnoven lui daar twee weken terug een stokje voor staken. De lichtmasten steken boven de bomen uit en ik zet mijn fiets op slot aan het hek.

In plaats van honderden bezoekers zijn er vanavond slechts een handjevol. Vanuit het radiohokje op de enige echte tribune klinkt uit krakende boxen de opstelling. Ik kan alleen Ed Ridderhof ontwaren tussen de namen die genoemd worden. De shirtjes zitten wat strakker en de spieren zijn wat strammer van de spelers. Rond half acht wordt er afgetrapt en naast mij zit een krasse knar die een gesprekje aanknoopt met een moeder van een van de spelers.

‘Jij bent er toch een van…’

‘Ja, van Henk’

‘O ja. Henk. Die werkte toch bij euh…’

‘Bij die autohandel in Schiedam’

‘Ja. De autohandel. Die is alweer een tijdje…..’

Een pijnlijke stilte volgt.

‘Nou, mijn vader is vorig jaar op 93-jarige leeftijd overleden.’

‘Ja. Henk van de autohandel. Poeh, 93. Ik hoop dat ik dat haal.’

Achter het doel staat iemand met een SSV vlag en een puma-shirt met sponsor John van Dijk erop. De glorietijd van SVV, meer dan 25 jaar geleden. Na een gesprek over voetbal, stadions en SVV blijkt hij een verdieping boven mij te werken. De wereld is klein. Wanneer een speler van SVV een makkelijk gegeven penalty mist is het tijd om naar huis te gaan. Met de SVV’er spreek ik af om vanmiddag een biertje te drinken tijdens de wekelijkse borrel. Proosten op de tijd dat zijn club nog gewoon bestond.

image

image

image

image

image

image

image

Spaarkaart

‘Key Largo. Ja, twee weekjes Key Largo. Lekker naar Florida met de kids.’ De kakkineuze verschijning in zijn blauwe pak praat veels te hard in zijn telefoon en dringt voor bij de koffiecorner op de begane grond. Hij snauwt zijn bestelling door richting de barrista en gooit zijn volle spaarkaart voor 1 gratis consumptie op de counter.

Ik vraag hem of dat normaal is? Dat voordringen en onbeschofte gedrag. Een kleine woordenwisseling volgt. Het blauwe pak loopt, rood aangelopen, naar de lift en drukt op het knopje voor de negende etage. Als ik daar iets later arriveer, met in mijn handen een kop verse muntthee, ben ik nog net op tijd voor de introductie van de nieuwe directeur.

wpid-20150616_115809.jpg

Disclaimer. Dit was een verhaaltje voor de schrijfopleiding die ik deed.